Het Lustwezen
Weinigen weten van het volgende. Het verhaal wordt door velen afgedaan als fictie en mythe. Niets is
minder waar...
In 1919 ontdekte de Duitse antropoloog Ulrich een afgezonderde stam in de jungle van Zambia.
Volgens die stam leefde er in het oerwoud van dat donkere Afrikaanse land een mythisch Wezen. Zij
was de personificatie van
alle lusten, maar wist dat zelf niet.
Dit Lust-Wezen bezat kenmerken van zowel mens als dier, met haar zeer kort, kroes haar, lichtgetinte
huidskleur, kattenogen en ongelooflijk dikke lippen . Haar borsten waren enorm en vol, met dikke,
donkere tepels. En hoewel haar bovenlichaam niet bijzonder dik was, had zij billen en dijbenen die
meer op dat van een beige-kleurig paard leken.
Tussen haar dikke billen zat haar geurige, roze kut. Deze was erg wijd, en het roze kutvlees was
voortdurend slijmerig. Het rook naar zurige plas, geil en sperma.
Tussen haar forse, gespierde paardendijen hing een lange en zeer dikke lul. Daaronder een zware,
donkere zak waarin de vorm van de twee volle zaadballen goed zichtbaar waren. Haar lul rook altijd
naar zweet, en slingerde in slappe toestand achteloos heen en weer wanneer zij weer druk haar
klusjes in haar boshutje deed.
Aan elke hand had het Wezen maar drie, dikke vingers. Haar handplamen waren bijna roze van kleur.
Haar voeten waren menselijk. Zij waren groot en opgezet. Zij liep altijd op blote voeten, waardoor
deze oud en eelterig waren, met de voortdurende scherpe geur van kazige voetenzweet aan haar
voetzolen. Tussen haar lange, likke en verweerde tenen rook deze voetengeur het sterkst.
Volgens sommigen maakte het wezen zich schuldig aan ontvoeringen van in het bos verdwaalde mensen.
Anderen beweren dat haar "slachtoffers" haar uit vrije wil bezochten. Zelfs naar haar op zoek
gingen.
Volgens sommigen overrompelde zij de jonge Afrikaanse mannen tijdens hun jacht in het diepste van de
Jungle, om vervolgens misbruik te maken van hun vastgeketende lichamen. Anderen zeggen dat deze
manen juist geregeld jacht op haar maakten. Zij vluchtte dan door haar bos, en de achtervolgende
mannen raakten opgewonden van haar wiegende paardenbillen.
Eenmaal gevangen werd zij dan door drie mannen bedwongen, werden haar brede, gespierde dijen
uiteengehouden, en kwamen de jagersm met hun grote zwarte palen, klaar in haar glibberige roze
kut.
In haar hut, onvindbaar in de onmetelijke jungle, zou zij ook jonge mannen gevangen houden. Deze
mannen hadden zich echter al aan haar overgegeven. Elke avond gebruikte zij er een voor haar genot
tijdens haar huishoudelijke klusjes. Zo hield zij ervan om tijdens het vlechten van plantenstengels,
uren met haar sterk ruikende, ongewassen natte kut en enorme billen op het gezicht van een
jongensslaaf te zitten.
Maar ook van buitenlanders kreeg zij volgens sommigen bezoek. Mensen uit het Westen, met blanke
huid. Deze mannen en vrouwen bewonderden dan haar bovenmenselijke rondingen en behaagden haar, zodat
zij haar enorme penis in harde toestand konden waarnemen en ervan konden genieten.
Deze blanke vrouwen raakten in extase van haar reuzenlul, en het Lust Wezen forceerde de grote,
harde en glimmende eikel dan ook altijd in hun veel te strakke kutjes. Het Wezen kwam vaak klaar
over hun blanke lichamen, gezichten en slorpende monden, maar vaak ook diep in hun vruchtbare
baarmoeders. Wie weet wat het zaad en het opgelikte geil van het Lust-Wezen met hen deed?...
Aldus de verslagen van de antropoloog...
Reacties s.v.p. naar: tromar333@hotmail.com