Bij de landmacht (1)

“Blijf doorlopen, mannen!” roept de bataljonscommandant.
De kille regen dringt door mijn kleding, en mijn rugzak lijkt wel gevuld met een duizendtal stenen.
Mijn zicht vervaagt, ik zak door mijn knieën; “Kom op, jongen, sta op!”
Twee soldaten grijpen me onder de armen, terwijl ik, als een marionet zonder touwtjes,
door de modderige paden wordt gesleept.
Het wordt zwart voor mijn ogen …………….

Stemmen van twee soldaten dringen mijn bewustzijn binnen.
Ze klagen over het feit dat de grote oefening met de Duitsers ten einde is gekomen.
Ironisch genoeg, door de rol van vijand op zich te nemen, helpt het ons Nederlandse leger sterker te worden.
Een oorlogssimulatie zoals deze is iets wat elke soldaat zou willen ervaren.

Langzaam komt mijn zicht terug en ik besef dat ik lig in een oude schuur.
O, nee, ik stamel: “Waar zijn mijn kleren?”.
De soldaten, beiden rond de veertig, kijken elkaar cynisch aan.
“Anton, weet jij waar het uniform van de nieuwkomer is?” vraagt de één.
“Nee, Bertus, geen idee,” antwoordt de ander.
Ze naderen me dreigend.
Als achttienjarige nieuweling in het leger voel ik me volkomen verloren en kwetsbaar,
zonder enige kans om me te verzetten.
Anton grijpt me stevig vast.
Ik schreeuw om hulp, maar Bertus komt met een grijns naar me toe: “Jongen, niemand kan je horen.”
Hij trekt mijn billen uit elkaar, spuugt klodders speeksel ertussen, ik voel zijn dikke eikel tussen mijn anus gaan,
zijn enorme stijve lul wordt krachtig in mijn kont geduwd en de oude soldaat begint mij te neuken.
Ik ga door de grond, voel elke kontspier, Bertus kreunt; “O Anton….die jongen…neukt lekker…….”.
Er komt meer speeksel, mijn heupen worden vastgepakt en voel de enorme stijve lul tot zijn ballen in mijn kontje schuiven. Ik sta wankel op mijn benen, Bertus kreunt; “O jongen….ik kommmm……ik ga je volspuiten……..”.
Hij houdt zijn stijve lul diep in mij, voel uit zijn kloppende eikel krachtige stralen sperma mijn kont ingaan.
Als zijn lul eruit gaat, neemt Bertus mij in de houtgreep en kijkt met een grijns hoe Anton mij helemaal suf neukt.

Zonnestralen glijden door de houten muren en onthullen dat de helse nacht eindelijk voorbij is.
Hoe lang ik buiten bewustzijn ben geweest, blijft voor mij een raadsel, maar het heeft me zeker goed gedaan.
Het verbaast me dat de soldaten, die mijn uniform en uitrusting hebben teruggegeven, als schaduwen zijn verdwenen.

Met hernieuwde moed stap ik de schuur uit, die me weer in de greep van mijn legerkisten lijkt te trekken.
Waar ben ik in vredesnaam beland? En waar moet ik nu heen?

Met een sprankje hoop kies ik een richting en volg ik een pad dat me hopelijk naar mijn legerbasis leidt,
mijn hart als enige gids. Maar voordat ik het besef, beland ik recht in de klauwen van de vijand.
Twee Duitse soldaten nemen dit oorlogsspel bijzonder serieus.
Als gevangene word ik naar een landhuis gebracht dat als hun hoofdkwartier fungeert.
Vol verbazing zeg ik: “Meine Herren, beruhigen Sie sich, das ist nur eine Übung.”

Met brute kracht word ik in een kille kelder gedumpt,
geheel ontkleed en mijn handen stevig gebonden aan een betonnen pilaar.
Voor me staat een Duitse officier, zijn vriendelijke glimlach een schril contrast met de dreiging die hij uitstraalt.
“Ich bin Oberst Schmidt und wer bist du?” vraagt hij, zijn blonde haren en de leeftijd van ongeveer vijftig jaar maken hem bijna schijnbaar onschuldig.
Maar zijn helblauwe ogen, scherp als messen, snijden door de duisternis van mijn ziel.
“Euh, ich bin soldat Willems. Und ich wil ….”
Maar voor ik mijn zin kan afmaken, krijg ik een klap te verduren die me de adem ontneemt. “Du hast nichts zu sagen,” snauwt hij. Toch geef ik niet op: “Es ist nur ein Spiel.”
De klappen blijven komen, onophoudelijk, elke slag brengt me dichter bij de rand van bewusteloosheid.
Langzaam vervaagt mijn wereld in de duisternis, terwijl de pijn zich als een schaduw om me heen sluit.

Met een emmer water word ik tot positieve gebracht.
De Duitse soldaat bij de deur wordt weggestuurd, de officier zet zijn pistool tegen mijn hoofd;
“Kein Wort, sonst bringe ich dich um”.
Met smerige grijns laat hij zijn broek zakken en toont met trots zijn grote lul.
Hij schopt mijn benen uit elkaar, smeert glijmiddel tussen mijn billen en drukt zijn dikke eikel tegen mijn anus.
Hij dringt in mij binnen, schuift zijn stijve krachtig in mijn kont, ik durf niet te schreeuwen
en gelaten laat ik mij door de Duitse officier neuken.

Elke stoot rekt mijn kontspieren, met meer glijmiddel voel ik zijn flinke paal door mijn kont schuiven.
Hij pakt mijn heupen vast en neukt me tot zijn ballen.
Hij kreunt: “Du magst es, gefickt zu werden”.
Mijn angst is te groot om te genieten van zijn stijve lul toch voelt het heerlijk om geneukt te worden.
De officier kreunt; “Ich komme…..oooh….ich spritze…..”.
Hij drukt zijn lul zo diep mogelijk en krachtige ladingen sperma gaan door mijn kontje.
Met een ijzeren blik kijkt hij hoe zijn zaad uit mijn anus op de stenen grond druppelt.

De officier draait zich om en verdwijnt in de schaduw,
terwijl een Duitse soldaat zich naar mij toe beweegt om mijn handen los te maken.
Met een zak over mijn hoofd word ik als een schim door de duistere gangen naar de kelder geleid,
waar ik in een cel wordt gedumpt.
Tot mijn verbazing ben ik de enige gevangene in deze uitgestrekte ruimte.
Het feit dat ik voedsel krijg, suggereert dat ze me voorlopig in leven willen houden.
Ontsnappen is echter een illusie; de cel is als een bunker,
bewaakt door twee soldaten die dag en nacht voor de deur staan.

De volgende dag – althans, dat neem ik aan, want de tijd is voor mij een vage herinnering –
gaat de celdeur met een krak open.
Een jonge soldaat van rond de twintig wordt naar binnen geduwd.
Hij lijkt nog niet ondervraagd te zijn, hij ziet er nog fris uit. “Hoi, ik ben Pieters,”
zegt hij met een nerveuze glimlach.
Ik knik en antwoord: “Ik ben Willems.” “Ben jij alleen?”
“Nee, wij waren als groep ingesloten en uit elkaar gehaald.” Geen idee waar ze nu zijn,” antwoordt hij,
zijn ogen vol onzekerheid.

Er is niet veel tijd om verder te praten, want vier Duitse soldaten komen binnen, met Oberst Schmidt aan het hoofd.
Een klapstoel wordt voor hem neergezet, en hij gaat zitten, zijn ijskoude blik doorboort ons als een mes.
Wanneer er twee stoelen voor ons worden neergezet, stijgt de angst in mijn borst.
Wat staat ons te wachten?
De spanning in de lucht is tastbaar, als een dreigende storm die elk moment kan losbarsten.

Wat vond je van dit verhaal?

Aantal stemmen: . Gemiddeld cijfer:

Nog geen cijfer, ben jij de eerste ?

Geschreven door Anoniem

De schrijf(st)er van dit verhaal heeft er voor gekozen anoniem te blijven. Derhalve is er geen verdere informatie bekend over deze auteur.

Dit verhaal is 2538 keer gelezen.
Reageren? Leuk! Houd het aub on topic en netjes, dankjewel!

Plaats een reactie