De eerste keer dat Lieke met Samantha meeging naar haar ouderlijk huis, was het zo’n middag waarop de zomer niet alleen buiten hing, maar ook in je kleren kroop. Jaiden was met Beau thuisgebleven omdat het laat zou worden. Er stond een barbecue op het programma bij Samantha’s ouders, en Samantha had Lieke gerust gesteld dat het allemaal ontspannen zou zijn, niets bijzonders, gewoon onder elkaar, vlees op het vuur, salades op tafel, haar moeder Demi die te veel stokbrood kocht en haar vader Victor die altijd deed alsof hij de enige man in Nederland was die wist hoe je het vlees moest grillen.
Juist omdat Samantha het zo achteloos had gezegd, had Lieke geprobeerd er niet te lang over na te denken. Ze had een luchtig blauw jurkje aangetrokken, met witte bloemetjes, dunne bandjes en een zoom die bij elke stap net iets anders besloot waar hij wilde eindigen. In haar kamer had het onschuldig geleken. Zomers. Jong. Niet te veel. Niet te weinig. Maar onderweg, toen ze naast Samantha liep en de warmte van de straat door haar sandalen omhoog voelde trekken, realiseerde ze zich dat ze misschien een slipje aan had moeten doen. Het kwam niet eens als paniek. Eerder als een kleine, late gedachte die ineens haar hele lichaam wist te vinden.
Samantha merkte het natuurlijk. “Je bent stil,” zei ze. Lieke keek opzij. Samantha droeg een beige croptop en daaronder een kort broekje van dunne stof, zacht en licht, bijna te licht voor een familietuin. Zo’n broekje waarvan haar moeder waarschijnlijk al bij de voordeur zou zeggen dat het meer lingerie was dan iets om mee over straat te gaan. “Ik dacht even na,” zei Lieke. “Gevaarlijk.” “Vooral voor anderen.” Samantha glimlachte. “Je hoeft niet zenuwachtig te zijn.” “Ik ben niet zenuwachtig.” “Nee,” zei Samantha. “Je doet alleen alsof je niet weet waar je je handen moet laten.” Lieke keek naar haar eigen vingers, die inderdaad al een minuut lang met het hengsel van haar tas bezig waren. “Het is gewoon,” zei ze, “ik kom straks binnen als… wat eigenlijk?”
Samantha bleef even staan bij de hoek van de straat. In de verte lag het huis al achter een lage haag, de tuin vol zon, stemmen, glaswerk, ergens de eerste geur van houtskool. “Als Lieke,” zei Samantha, “Oke, oke, als mijn Lieke dan.” Daar kon Lieke even niets tegenin brengen. Samantha boog zich iets naar haar toe. “Mijn moeder noemt je waarschijnlijk binnen drie minuten haar soort van schoondochter. Mijn broer doet alsof alles normaal is, mijn zus kijkt eerst te lang en daarna juist niet meer. En mijn vader…” Ze zweeg net iets te lang. Lieke tilde haar wenkbrauwen op. “Je vader?” “Mijn vader vindt mensen interessant.” “Dat klinkt als een waarschuwing die zichzelf heeft aangekleed als compliment.” Samantha lachte zacht. “Hij is lichamelijk. Warm. Aanwezig. Hij bedoelt meestal minder dan hij lijkt te bedoelen.” “Meestal?” “Meestal,” herhaalde Samantha. Ze liepen verder.
Bij het tuinhek streek een windvlaag langs Liekes benen. Haar jurkje bewoog mee, licht als water. Ze voelde ineens heel precies wat er onder die stof níet was. Een plekje dat door de streling subtiel geactiveerd werd. Samantha zag het, maar zei niets. Alleen haar mondhoek verried dat ze het had opgemerkt. “Niet lachen,” zei Lieke. “Ik lach niet.”
Ze gingen achterom, via het pad langs de schuur. De tuin lag open in de zon. Er stonden schalen op tafel, glazen, een kan water met munt en citroen, kommen salade onder theedoeken. Uit de keuken kwam de geur van knoflook en geroosterde paprika. Verderop stond een barbecue klaar, half in de schaduw, met Victor er niet bij maar wel al duidelijk door hem bezet: tangen, kwasten, bakjes marinade, alles op een manier neergelegd die zei dat niemand anders eraan mocht komen. Demi zag hen als eerste. “Daar zijn ze!” Ze kwam naar buiten met een schaal in haar handen, zette die haastig op tafel en trok Lieke meteen naar zich toe alsof ze bang was dat ze anders van verlegenheid weer achter het tuinhek zou verdwijnen. “Jij moet Lieke zijn,” zei ze warm. “Wat fijn dat je er bent. Onze …. soort van schoondochter.” Samantha kreunde zacht. “Mam.” “Wat nou? Dat is toch zo? Of mag ik dat nog niet zeggen?” Lieke voelde haar wangen warm worden, maar Demi’s omhelzing was oprecht. Ze rook naar zonnebrand, basilicum en iets bloemigs. Er zat geen oordeel in haar armen, alleen nieuwsgierigheid en een lichte overdaad. “U mag het zeggen, hoor,” zei Lieke. “Ik moet alleen nog even wennen aan de titel.” “Dat moeten wij allemaal,” zei Demi opgewekt. “Maar dat is gezond. Als niemand ergens aan hoeft te wennen, gebeurt er ook niks nieuws.”
Uit de schuifpui kwamen Matthijs en Angel naar buiten. Matthijs, vierentwintig en al weer twee jaar single, lang, met het soort glimlach dat duidelijk geoefend had om ontspannen te lijken. Angel, zevenentwintig, van wie niemand precies wist wanneer ze een relatie had of single was, keek sneller en scherper. Zij nam Lieke op zoals vrouwen elkaar soms opnemen wanneer ze nog niet weten of ze bondgenoten, familie of complicaties zijn.Er werden handen geschud. Namen herhaald. Er werd gezegd dat het leuk was, dat het weer meezat, dat Jaiden jammer genoeg niet mee was maar Beau vast huilerig zou zijn vanwege de warmte. Lieke antwoordde keurig. Samantha stond naast haar, soms net te dichtbij, soms net ver genoeg om Lieke zelf haar plek te laten vinden. Lieke merkte hoe iedereen zijn best deed. Dat maakte het niet ongemakkelijker, maar juist zichtbaarder. Ze was geen gewone vriendin die meekwam. Ze was niet zomaar een collega of studiegenoot. Ze was de jonge vrouw naast Samantha. Haar tweede partner. De naam die misschien al vaker gevallen was dan iemand toegaf.
Toen ze na de eerste begroetingen weer naar buiten liepen, kwam Victor de tuin in vanuit de tuinkamer. Hij had een barbecuetang in zijn hand en een theedoek over zijn schouder. Zijn haar was wat grijs bij de slapen, zijn overhemd stond open bij de hals, en hij bewoog met het gemak van iemand die nooit hoefde te vragen of hij welkom was in zijn eigen tuin. Hij legde de tang eerst op de tuintafel. Dat viel Lieke op. Alsof hij zijn handen vrij wilde hebben. “Daar is ze dan,” zei hij. Samantha keek naar hem. “Pap.” “Wat pap?” Hij glimlachte, maar zijn blik was al bij Lieke. “Ik heb hier lang naar uitgekeken, Sam. Ik wist wel dat je ooit een vrouw aan de haak zou slaan. Maar je had er wel bij mogen zeggen dat ze zo mooi was.” “Dat had ik gezegd.” “Dan heb je onderdreven.” Lieke had verwacht dat ze verlegen zou worden. In plaats daarvan voelde ze iets anders, iets alerters. Alsof haar lichaam begreep dat dit geen gewone vaderlijke begroeting was, en evenmin een openlijke overtreding. Het zat precies daartussenin, op die smalle rand waar beleefdheid en spel elkaar raken. Victor stapte naar haar toe.
“Welkom, Lieke.” Hij kuste haar op de wang. Zijn hand kwam op haar onderrug terecht, warm en stevig. Net niet laag genoeg om brutaal te zijn. Maar wel te laag voor een eerste begroeting. En hij liet hem daar een fractie langer liggen dan nodig was. Lieke keek hem aan. Victor keek terug. Er was even een moment waarop niemand iets zei. Achter hen vroeg Demi aan Angel of de kruidenboter al buiten stond. Samantha schoof haar zonnebril in haar haar. Een vogel schoot uit de heg omhoog. “Dank u,” zei Lieke. “Victor,” zei hij meteen. “Geen u. Anders voel ik me oud.” “Dat zou natuurlijk verschrikkelijk zijn.” “Vooral voor jou. Dan moet je de hele middag beleefd zijn.” Zijn hand liet haar billen los. Bijna keurig. Samantha keek van haar vader naar Lieke. Haar glimlach was klein, maar niet argeloos. Lieke kon er niet goed uit lezen of Samantha geamuseerd was, voorzichtig, of juist benieuwd hoe zij zich hieruit zou bewegen. “Voel je thuis,” zei Victor. “Dat ga ik proberen,” zei Lieke. “Goed zo. In deze tuin is dat meestal de bedoeling.” “Meestal?” vroeg Lieke. Victor glimlachte. “Soms ook de uitdaging.”
Demi riep dat iedereen iets moest drinken voordat Victor weer zou doen alsof vlees belangrijker was dan mensen. Er kwamen glazen op tafel, ijsblokjes, witte wijn, fris, water met munt. Lieke kreeg iets kouds in haar hand en liet zich door Samantha meenemen naar een stoel in de halfschaduw. Een tijdje verliep alles gewoon. Of bijna gewoon. Matthijs vroeg naar haar studie. Angel vroeg hoe zij en Samantha elkaar precies hadden leren kennen, maar slikte halverwege haar eigen nieuwsgierigheid in en maakte er iets algemeners van. Demi vertelde dat Samantha als kind al altijd mensen mee naar huis nam die anders waren dan verwacht. Samantha protesteerde, Victor riep vanuit de tuinkamer dat dat niet waar was, dat Samantha vooral mensen mee naar huis nam die meer aandacht kregen dan hij. “Dat klopt,” zei Samantha. “Je bent nog steeds jaloers op mijn cavia van vroeger.” “Die cavia had geen respect voor gezag.” “Die cavia beet alleen mensen met slechte bedoelingen.” “Ja hoor….” Er werd gelachen. Lieke lachte mee, maar merkte dat ze Victor steeds opnieuw voelde zonder naar hem te kijken. Zijn stem uit de tuinkamer. Zijn bewegingen bij de barbecue. Het korte tikken van metaal op metaal. De geur van marinade. Af en toe zijn blik, wanneer ze toevallig opkeek en ontdekte dat het niet toevallig was.
Samantha zat naast haar op de rand van een tuinstoel, één been onder zich gevouwen. Haar dunne broekje trok hoog op aan haar dij. Ze leek ontspannen, maar Lieke kende haar inmiddels goed genoeg om te zien dat ze veel zag. “Gaat het?” vroeg Samantha zacht. “Ja.” “Je bent weer aan het denken.” “Ik observeer.” Samantha boog iets dichterbij. “En wat observeer je?” Lieke keek naar Victor, die net een schaal groenten verplaatste en daarbij deed alsof hij niet naar hen luisterde. “Dat jouw vader graag controle heeft over de temperatuur.” Samantha glimlachte niet meteen. “Van de barbecue?,” vroeg ze. Er zat iets in haar toon dat Lieke even wilde vasthouden, maar Demi vroeg op dat moment of iemand de olijven naar de tuinkamer wilde brengen, want Victor vergat altijd alles behalve het vlees. Lieke stond op. “Ik doe het wel.” Samantha keek haar aan. Kort maar duidelijk. Het voelde voor Lieke alsof ze de temperatuur onder de zoom van haar jurk wilde meten.
Met het bakje olijven in haar hand liep ze over het terras naar de tuinkamer. De ruimte stond open naar de tuin, maar was net genoeg afgescheiden om anders te voelen. Koeler. Schaduwrijk. Aan de ene kant de barbecue, aan de andere kant een werktafel vol borden, messen, brood, sauzen en schalen rauwe groenten. Victor draaide zich om zodra ze binnenkwam. “Wat lief dat je die brengt.” “Ik kan lief zijn. En nuttig.” “Dat geloof ik onmiddellijk.” “Dat klinkt alsof u—jij—daar een mening over hebt.” “Over nuttigheid? Zeker. Erg onderschatte deugd.” “En over mij?” Victor nam het bakje van haar aan en zette het naast de broodmand. Hij keek niet gehaast. Dat was misschien wel het gevaarlijkste aan hem. Hij keek alsof hij tijd genoeg had. “Sam had een foto van je laten zien,” zei hij. “Maar foto’s zijn statisch, ze vertellen je nooit hoe iemand de ruimte vult.” “En hoe vul ik de ruimte?” “Eerst doe je alsof je niet weet dat iedereen kijkt.”
Lieke voelde haar buik even samentrekken. Niet van angst. Van herkenning. “Dat is een nogal grondige analyse voor iemand die mij net kent.” “Ik ben goed met eerste indrukken.” “En met vlees, hoor ik.” “Dat zegt men.” Lieke keek naar de tafel. Peppersteaks in een schaal. Groenten aan spiesjes. Spareribs onder folie. Bakjes saus, rood en goudgeel. Een kwast in marinade. “Lekker,” zei ze. “Ik houd wel van iets dat goed gekruid is.” Victor glimlachte. “Voorzichtig, Lieke.” “Waarmee?” “Met zinnen die in deze ruimte twee kanten op kunnen vallen.” “Misschien moet jij voorzichtig zijn met luisteren.” “Misschien.” Hij kwam naast haar staan om de folie van de spareribs te halen. Niet tegen haar aan. Net niet. Maar dichtbij genoeg dat ze de warmte van zijn arm voelde. Lieke bleef staan. Ze had kunnen wegstappen. Dat wist zij, dat wist hij ook.
“Sam zei dat je scherp was,” zei Victor. “Sam zegt veel.” “Over jou wel.” “Wat zegt ze dan?” Victor keek naar buiten, waar Samantha met Angel stond te praten. “Dat je jonger bent dan je lijkt wanneer je lacht. En ouder dan je bent wanneer je praat. Of zwijgt.” Lieke volgde zijn blik. Samantha keek op dat moment hun kant op. Niet lang. Alleen een flits. Lang genoeg. “Dat klinkt als Samantha,” zei Lieke. “Ze kiest haar mensen niet licht.” “Nee.” “Dus ik ben nieuwsgierig naar je.” “Alleen nieuwsgierig?” Victor draaide zijn hoofd naar haar toe. “Nieuwsgierigheid is nooit alleen maar nieuwsgierigheid.” Daarna zweeg hij. Dat maakte het erger. Lieke zette haar glas, dat ze nog steeds in haar andere hand had, op tafel. Ze voelde haar jurkje langs haar benen bewegen. De stof kleefde een beetje aan haar huid door de warmte. Ze dacht aan het moment onderweg, aan het vergeten slipje, aan Samantha’s glimlach. Victor pakte de barbecuetang. “Wil je het stokbrood snijden?” “Is dat een veilige taak?” “Relatief.” “Jammer.” Hij lachte, laag en kort.
“Je bent brutaal.” “Ik probeer me thuis te voelen. Dat was de opdracht.” “En lukt dat?” Lieke pakte het broodmes. “Ik ben nog bezig met de rondleiding.” Victor wees met de tang naar de barbecue. “Vuur. Tafel. Familie. Te veel salade. Demi die denkt dat niemand genoeg eet. Matthijs die doet alsof hij modern is. Angel die het sneller begrijpt dan ze wil laten merken. En Sam…” Hij hield even op. “En Sam?” vroeg Lieke. “Sam brengt zelden iemand mee zonder reden.” Lieke sneed het brood. Het mes kraakte door de korst. “Misschien ben ik de reden.” “Dat zou kunnen.” “Of misschien wilde ze weten wat jij zou doen.” Victor keek haar aan. Nu glimlachte hij niet. “En wat denk jij dat ik doe?” Lieke legde het broodmes neer. Ze voelde hoe de middag zich om hen heen verdichtte. Buiten lachte Demi ergens om. Samantha’s stem mengde zich met die van Angel. Alles was dichtbij genoeg om betrapt te worden en ver genoeg om door te gaan. “Je kijkt,” zei Lieke. “Dat doen meer mensen.” “Niet zo.” “Hoe dan?” Ze draaide zich naar hem toe. “Alsof je wilt weten waar mijn grens ligt, maar beleefd genoeg bent om te wachten tot ik hem zelf aanwijs.” Victor ademde hoorbaar uit, bijna lachend. “Dat is een gevaarlijke gave.” “Wat?” “Dat je dingen hardop zegt.” “Dat is alleen gevaarlijk voor mensen die liever doen alsof.” Zijn blik zakte heel even. Niet lang. Niet openlijk. Naar haar jurk, haar benen, de plek waar de zomerwind eerder al had gespeeld. Toen weer naar haar ogen.
“Je jurk is frivool,” zei hij. “Het is warm, Victor.” “Dat is het.” “En Samantha zei dat het vandaag informeel is.” “Dat is het ook.” “Mooi.” Ze pakte een paar stukjes brood en legde die op een schaal. Haar hand was rustiger dan ze zich voelde. Victor boog zich iets naar haar toe om de schaal met steaks te pakken. Zijn vingers raakten heel even haar handrug. Het kon toeval zijn. Het was geen toeval. “Pas jij maar op,” zei Lieke zacht. “Waarvoor?” “Dat je je vingers niet brandt.” “Maak je geen zorgen. Ik ben een ervaren grillmeester.” “Dat zeggen mannen wel vaker vlak voordat ze iets laten aanbranden.” Nu lachte hij echt. “En jij denkt dat ik te veel vuur gebruik?” “Ik denk dat jij graag doet alsof je precies weet wanneer je iets moet omdraaien.” “Dat weet ik meestal ook.” “Meestal,” herhaalde Lieke. Ze zag dat hij het woord herkende. Misschien omdat Samantha het ook vaak gebruikte. Misschien omdat families hun eigen kleine messen hebben.
Victor legde de steaks op de grill. Het siste onmiddellijk. Een wolk geur trok omhoog. Rook, vet, kruiden, hitte. “Goed vlees moet je niet opjagen,” zei hij. “Nee, he?” “Nee. Je moet het tijd geven. Warmte laten opnemen. Niet te snel snijden. Niet te vroeg beoordelen.” “En vooral niet laten uitdrogen,” zei Lieke. Victor keek op. Daar was hij dan, de grens. Niet een hek. Meer een draad in het gras, laag genoeg om overheen te stappen, scherp genoeg om te voelen als je het deed. “Precies,” zei hij. Lieke glimlachte. “Maar een goede grillmeester hoeft niet alles uitgebreid te onderzoeken, toch?” “Een goede grillmeester doet veel op gevoel.” “Dat geloof ik meteen.” “Maar hij kijkt ook.” “Ja,” zei Lieke. “Dat had ik al gemerkt.” Buiten riep Demi: “Victor, hoe ver ben je met het vlees?” Victor keek niet weg van Lieke. “Bijna zover dat mensen ongeduldig worden.” “Dat zijn ze al!” riep Demi terug.
Lieke lachte en bleef even stilstaan bij de schaal met gesneden brood. Ze had kunnen gaan. Eigenlijk was dat het verstandige moment. Maar iets in haar wilde de middag niet alleen ondergaan. Ze wilde hem aanraken. Even maar. Met één vinger tegen de rand duwen en kijken of hij terugduwde. Ze stapte naar de opening van de tuinkamer, precies waar het licht op haar benen viel. Toen keek ze over haar schouder naar Victor. “En?” vroeg ze. “Wat?” “Kom ik door de keuring?” Victor hield de tang stil in zijn hand. “Welke keuring?” “De barbecuekeuring natuurlijk.” “Daarvoor moet je op tafel liggen.” “En weten wanneer je me moet omdraaien?” “Demi zou het afkeuren.” “Alleen Demi?” Hij glimlachte langzaam. “Sam misschien niet.” Lieke kantelde haar hoofd. “O? Sinds wanneer ben jij voorzitter van de jury?”
Victor keek haar aan, maar antwoordde niet meteen. Dat raakte iets. Niet omdat het grof was, maar omdat Samantha’s naam ineens tussen hen in stond. Lieke keek naar buiten. Samantha stond nu bij Demi, met een glas in haar hand. Ze keek niet naar hen, maar Lieke wist dat ze had gezien dat Lieke in de opening stond. Misschien wist Samantha zelfs meer dan ze liet merken. Misschien was dat de echte reden dat Lieke haar stem verlaagde toen ze weer sprak. “Je dochter heeft een goede smaak.” “Dat heeft ze altijd gehad.” “Ook in gevaarlijke dingen?” Victor legde de tang neer. “Vooral daarin.” Een seconde lang was er niets grappigs meer aan de scène. Alleen hitte. Tuin. Familie. Samantha op een paar meter afstand. Lieke in haar blauwe jurk. Victor met zijn handen leeg. Toen trok Lieke zichzelf terug in glimlach. Pas toen tilde ze de schaal met stokbrood op.
“Dan breng ik dit maar naar buiten voordat iemand denkt dat ik hier sta te solliciteren naar een bijbaan.” “Welke functie?” “Assistent-grillmeester.” “Daarvoor moet je tegen warmte kunnen.” “Victor,” zei ze, en nu zat er weer speelsheid in haar stem, “ik ben al veel warmer dan toen ik binnenkwam.” Zijn ogen bleven op haar rusten. Buiten klonk Demi opnieuw, dichterbij nu. “Lieke? Lukt het met dat brood?” Lieke draaide zich naar de tuin. “Ja hoor!” Ze liep naar buiten, maar bij de drempel bleef ze nog één keer staan. De wind pakte de zoom van haar jurkje. Ze had geen handen om hem terug te duwen. De wind liet haar voelen dat er heel even geen stof meer zat tussen haar billen en zijn blik. Ze hield de schaal steviger vast. Het was belachelijk, dacht ze, dat een beetje wind kon lijken op een bekentenis. Ze keek hem over haar schouder aan. “Krijgen alle meiden die hier over de vloer komen zo’n grondige barbecuekeuring,” vroeg ze, “of ben ik de eerste?” Victor antwoordde niet meteen. Dat was verstandig van hem.
Toen zei hij: “Jij bent de eerste die terugkeurt.” Lieke glimlachte. “Mooi,” zei ze. “Dan zijn we allebei gewaarschuwd.” Ze liep de tuin in met het stokbrood. Samantha kwam haar tegemoet om de schaal over te nemen. “Je moeder had gelijk,” zei Lieke. Samantha keek verbaasd. “Waarover?” Lieke gaf haar de schaal nog niet meteen. Haar blik zakte kort naar Samantha’s broekje, daarna weer naar haar ogen. “Je broekje,” zei ze. “Dat kan minder goed zwijgen dan jij.” Samantha keek automatisch naar beneden. “Wat bedoel je?” “Te dun,” zei Lieke zacht. Heel even begreep Samantha haar niet. Toen schoot haar hand in een reflex naar haar kruis, naar de stof die ineens niets meer leek te verbergen. Vochtig. Ze werd rood. Lieke glimlachte, klein en ondeugend. “Nu al? Hoe dan?” “Liek…” “Oei,” fluisterde Lieke. “Een groot geheim onder te dunne stof…” Samantha pakte de schaal van haar over, iets te snel. “Jij bent onmogelijk.” “Nee,” zei Lieke. “Ik let gewoon goed op.”
Matthijs vroeg of het vlees al bijna klaar was. Angel keek naar Lieke’s gezicht en daarna heel even naar Victor, die achter haar de barbecue weer opendeed alsof daar werkelijk zijn grootste zorg lag. Demi schonk de wijn bij toen Samantha naast Lieke kwam staan. “En, hoe was het?” vroeg ze zacht. “Je vader is inderdaad lichamelijk ingesteld.” Samantha nam een slok van haar drinken. “Ik had je gewaarschuwd.” “Niet genoeg.” “Had dat geholpen?” Lieke keek naar Victor, die de spareribs draaide met de concentratie van een man die wist dat hij bekeken werd. “Nee,” zei ze eerlijk. Lieke voelde de warmte onder haar jurk, de koelte van het glas in haar hand, Samantha’s schouder bijna tegen de hare. “Misschien,” corrigeerde ze zichzelf even later. Samantha boog zich naar haar toe, zo dicht dat alleen Lieke haar kon verstaan. “Mooi. Dan wordt het tenminste geen saaie familiebarbecue.” Lieke lachte en vroeg nog “Maar jij dan?” “Ik?” “Waarom is je broekje dan …” Samantha keek haar indringend aan “Vanavond…” siste ze. Lieke hield haar blik vast. “Vanavond wat?” Maar Samantha liep al met het stokbrood naar de tafel, alsof er niets gezegd was. En ergens achter hen siste ook het vlees op het vuur, alsof de tuin zelf besloot voorlopig niets te verraden.
Toen Samantha en Lieke thuiskwamen, was het huis donkerder dan anders. Niet helemaal stil, met Beau boven en Jaiden ergens achter een halfopen deur, maar wel gedempt. Alsof de warmte van de dag nog in de muren zat en iedereen zachter sprak uit respect voor wat de avond niet hardop wilde worden. Jaiden lag al op bed. Samantha had even bij hem gekeken, een hand op zijn schouder gelegd, gevraagd of alles goed was gegaan met Beau. Hij had slaperig geknikt, iets gemompeld over flesjes, een knuffel die kwijt was geweest en daarna toch weer gevonden, en was half glimlachend teruggezakt in zijn kussen. Ze had hem een kus op zijn voorhoofd gegeven. Het dekbed over hem heen gelegd. Nu zaten zij en Lieke beneden, aan de keukentafel. De tuindeur stond op een kier. De nacht rook naar warme stenen en gras. Samantha schonk bruiswater in twee glazen. Ze had haar croptop en bh verruild voor een los hemd, maar haar korte broekje nog aan gehouden. De stof van het hemd viel ruim om haar heen, bijna beschermend, maar het broekje daaronder deed niet mee aan die bescherming. Lieke zag het meteen. Datzelfde broekje. Dun. Licht. Te eerlijk. Alsof Samantha haar bovenlijf bevrijd had, maar de rest van haar lichaam daarbij even vergeten was. Lieke zat tegenover haar in hetzelfde blauwe jurkje waarin ze naar de barbecue was gegaan. De stof was gekreukt van de middag, de zoom iets scheef, alsof de dag er met zijn vingers aan had gezeten.
Samantha zette een glas voor haar neer. “Niet kijken,” zei ze nog. Lieke glimlachte, alsof ze er om heen kon terwijl Samantha vlak voor stond. “Waarnaar?,” zei ze nog. Samantha gaf haar zacht een duwtje. “Dat weet je best.” “Je had het uit kunnen trekken, hè?” Samantha keek naar beneden. Eén seconde maar. Toen weer naar Lieke. “Het is gewoon een broekje.” “Nee,” zei Lieke zacht. “Vanmiddag was het ook al niet gewoon een broekje.” Samantha’s vingers sloten zich om haar glas. “Dat ga je nu tegen mij gebruiken?” “Misschien.” Lieke liet haar blik niet zakken. “Of misschien probeer ik te begrijpen waarom je het nog aan hebt.” Samantha lachte kort, zonder vrolijkheid. “Omdat ik moe was. Omdat ik geen zin had om me om te kleden. Omdat Beau boven lag. Omdat Jaiden sliep. Omdat het huis donker was. Kies maar iets normaals.” “En het echte antwoord?” Samantha keek naar het raam. Haar spiegelbeeld hing donker in het glas, met daarachter de nacht. “Misschien omdat jij het gezien had,” zei ze. Lieke zweeg. “En omdat ik niet wist of ik het daarna nog kon verstoppen door iets anders aan te trekken.” Daar zat de eerste scheur. Niet in het broekje. Maar wel in Samantha.
Lieke legde haar vingers om haar glas. “Het heeft je verraden.” Samantha draaide zich naar haar om. “Nee.” “Nee?” “Niet alleen.” Samantha ademde uit. “Ik denk dat het mij voor was.” Lieke voelde die zin in haar buik. “Je broekje wist het eerder dan jij.” Samantha keek haar aan, boos en kwetsbaar tegelijk. “Maak er geen grap van.” “Ik maak er geen grap van.” “Jawel.” “Nee,” zei Lieke. “Ik luister naar wat jij net zei.” Samantha ging tegenover haar zitten. Eindelijk. Alsof haar benen haar niet langer wilden dragen. Even was er alleen het zachte bruisen in de glazen. Boven kraakte een vloerplank. Daarna niets. “Hij keek naar je,” zei Samantha. Lieke zette het glas tegen haar lippen, maar dronk niet. “Mannen kijken wel vaker, Sam.” “Niet zo.” “Nee?” Samantha keek haar aan. “Mijn vader niet zo.” Daar was het. Niet Victor. Mijn vader. Het woord maakte de keuken kleiner. Lieke liet haar glas zakken. “Hij keek alsof hij iets wilde weten.” “Hij keek alsof hij het al wist, Liek.” “Misschien wilde hij weten of ik wist dat hij het wist.” Samantha trok kort haar mondhoek op, maar het werd geen glimlach. “Doe dat niet.” “Wat?” “Er een spel van maken voordat ik weet of ik het aankan.” Lieke zweeg. Samantha keek naar haar eigen glas. Toen naar haar broekje. Alsof ze zichzelf erop betrapte dat ze het gesprek niet alleen met woorden voerde. “Je zei vanmiddag iets,” zei ze. “Ik zeg veel.” “Over mijn broekje.” Lieke glimlachte flauw. “Het sprak broekdelen.” “Liek.” “Sorry.” “Nee.” Samantha streek met haar duim langs het glas. “Niet sorry zeggen. Dat maakt het erger.” “Waarom?” “Omdat ik dan moet doen alsof jij iets verkeerds deed.” “En dat deed ik niet?” Samantha keek haar aan. “Je zag iets.” “Ja.” “En je zei het.” “Ja.” “En daarna kon ik het zelf niet meer niet zien.” Lieke bleef stil.
Samantha’s stem werd zachter. “Ik stond daar naast je. Met dat brood. Mijn moeder achter me. Angel ergens bij de tafel. Matthijs die vroeg of het vlees al klaar was. Mijn vader bij de barbecue.” Ze slikte. “En jij keek naar mij alsof je wist dat mijn lichaam niet meer bij mijn gezicht hoorde.” “Sam…” “Nee. Laat me.” Lieke knikte. Samantha haalde adem, maar die adem bleef ergens halverwege steken. “Ik was jaloers,” zei ze. “Dat wist ik. Dat begreep ik nog. Jij daar met hem. Hij die naar jou keek. Jij die wist wat je met hem deed. Dat deed pijn, maar dat was nog overzichtelijk.” “En daarna?” Samantha keek naar haar broekje, alsof het antwoord daar lag. “Daarna merkte ik dat ik niet alleen jaloers was.” Lieke voelde de stilte dikker worden. “Je werd niet alleen boos,” zei ze. “Nee.” “Je werd ook wakker.” Samantha sloot haar ogen. Dat woord was zachter dan ‘opgewonden’. Genadiger. Maar daardoor misschien ook gevaarlijker. “Ja,” fluisterde ze. Lieke stond niet op. Raakte haar niet aan. Ze liet Samantha in haar eigen antwoord zitten.
“Door hem?” vroeg ze. Samantha opende haar ogen. “Dat is te makkelijk.” “Dan niet makkelijk.” “Door jou,” zei Samantha. “Door hoe jij daar stond. Door hoe jij hem niet redde van zijn eigen blik. Door hoe jij terugkeek.” Lieke’s vingers spanden zich om haar glas. “En toch ging het ook over hem,” zei ze. Samantha keek weg. “Ja.” Lieke boog iets naar voren. “Dus toen ik zei dat je broekje minder goed kon zwijgen dan jij…” “Toen had je gelijk.” “En daarom draag je het nu nog steeds.” Samantha lachte zacht, donker. “Misschien wilde ik weten of het vanavond weer zou praten.” Die zin veranderde iets in de keuken. Lieke keek haar aan. Ze begreep dat Samantha haar een sleutel die ze zelf nauwelijks durfde vast te houden. “Wil je dat?” vroeg Lieke. Samantha antwoordde niet meteen. Buiten bewoog de nacht achter de kier van de deur. Een late auto reed voorbij; licht gleed kort over het plafond en verdween weer.
“Ik wil weten of ik toekijk naar iets wat mij pijn gaat doen,” zei Samantha, “of naar iets waar ik zelf ook deel van ben.” Lieke ademde langzaam uit. “Dan moet je niet naar mij kijken alsof ik de enige ben die iets doet.” Samantha draaide zich naar haar toe. “Wat bedoel je?” “Ik bedoel dat hij niet alleen naar mij keek.” “Denk je…” begon Samantha. Lieke keek op. “Wat?” De woorden kwamen niet meteen uit haar mond. Haar hand lag nog bij haar glas, maar haar vingers bewogen niet meer. “Denk je dat hij het zag?” Lieke zweeg een tel te lang. Dat was antwoord genoeg. Sam keek naar beneden, naar het broekje dat nog steeds te dun was om werkelijk onschuldig te zijn. “Liek…” “Ja,” zei die zacht. “Ik denk dat hij zag dat je nat was.” Ze sloot haar ogen. “En ik denk,” ging Lieke verder, “dat hij dacht dat het misschien met hem te maken had.” Nu keek Sam haar weer aan. “Hij is een man, Sam. Een man die gewend is dat zijn blik iets doet. Als hij iets ziet bewegen, denkt hij al snel dat hij de wind is.”
Sam ademde hoorbaar uit. “Maar dat betekent niet dat hij gelijk heeft” “Oh nee?” Lieke liet haar blik zakken naar het broekje en daarna weer naar Samantha’s gezicht. “Kijk dan! Zal ik je zeggen waarom je geen ander broekje aan deed?” “Nou?” “Omdat je hem nog wilde voelen. Daar. Hier.” Haar hand gleed over het broekje tot ze met twee vingers over de dunne stof streelde, precies over de plek die haar had verraden. Sam’s adem stokte. “Liek…” “Het zegt zijn naam nog net niet,” ging Lieke verder. “Maar het zwijgt ook niet.” Sam keek weg, voelde nog steeds Liekes vingers. “En dat is waar je bang voor bent,” zei Lieke. “Niet dat hij naar je keek. En je broekje zag. Je bent bang voor wat er in jou terugkeek. Dat fluisterde ‘kijk mij nou’.” Ze kwam iets dichterbij. Haar vingers drukten in haar vochtige huid, of ze het broekje nog natter wilde maken. “Er staat nog net geen ‘Victor’ op,” zei Lieke zacht. “Niet doen, Liek, je maakt me geil.” “Lieg niet. Zijn naam is hier blijven hangen. Daar waar jij hem wilt hebben.” Ze liet even een stilte vallen. “Je bent geil. Zeker. Maar niet van mij. Van hem. Van je vader.” Sam werd rood. Niet omdat Lieke loog. Juist omdat de waarheid te dicht bij haar kwam.