De dagen na die eerste zaterdag waren een vreemd soort limbo. Overdag functioneerden we als altijd: koffie zetten, mails beantwoorden, ’s avonds koken. Maar ’s nachts, als het stil werd in huis, voelde ik Willems blik op me rusten terwijl ik me uitkleedde. Niet hongerig zoals voorheen, maar… onderzoekend. Alsof hij zocht naar sporen die er niet meer waren. Ik ving mezelf erop dat ik naar zijn handen keek als hij een glas vasthield, en dan dacht ik aan hoe diezelfde handen me later die nacht hadden vastgehouden, teder, alsof ik breekbaar was geworden door wat ik had toegelaten.
Soms, als ik alleen was, trok ik stiekem de lingerie uit die zaterdag weer aan. De bustier, de kousen met naad, het minirokje dat nauwelijks een naam verdiende.
Ik stond voor de passpiegel in de slaapkamer, gordijnen dicht, en keek naar mezelf. De stof voelde vertrouwd en tegelijk vreemd. Strak. Dwingend. Ik duwde mijn borsten omhoog, zoals toen, en voelde hoe mijn tepels hard werden tegen het kant. Ik was weer haar. De escort. De hoer. Het woord echode in mijn hoofd, niet als belediging, maar als een titel die ik had verdiend. En dat maakte me nat. Ik liet mijn hand tussen mijn benen glijden, voelde hoe vochtig ik al was, en sloot mijn ogen. Een keer was een avontuur geweest. Nu voelde het als een deur die op een kiertje stond. Ik hoefde hem alleen maar verder open te duwen.
Willem wist het. Hij zei er niets over, maar als hij thuiskwam en me in gewone kleren aantrof, glimlachte hij op een manier die zei: ik weet wat je doet als ik er niet ben. En dat wond hem op.
Twee weken later spraken we af in De Oude Sluis. Het café lag aan de rand van het dorp, een oubollig, bruin hol met lage balken, verschoten lampenkappen en de geur van oud hout vermengd met gemorst bier en een zweem van whiskey. Achterin was een ronde nis met rood fluweel, half verscholen achter een zware gordijnboog. Manon en Pieter zaten er al. Manon schoof door, Pieter volgde. Ik liet me naast Pieter glijden, Willem sloot de cirkel aan mijn andere kant. Manon – Pieter – ik – Willem. De bank dwong ons dicht tegen elkaar, dij aan dij, schouder aan schouder, knie tegen knie. Het voelde intiemer dan welke woonkamer dan ook.
Het eerste uur was veilig terrein. Pieter vertelde over een verbouwing die al drie keer was uitgesteld omdat de aannemer “verdomme weer niet kwam opdagen”. Manon rolde met haar ogen.
“Hij belt morgen weer, let maar op. En dan zegt hij dat het ‘weer een dagje later’ wordt,” zei ze lachend. Ik lachte mee, maar voelde de warmte van Pieters been tegen het mijne. Een constante, ogenschijnlijk onschuldige druk die na elk slokje bier zwaarder werd. Willem zat stil, maar ik kende dat trommelen van zijn vingers op de rand van zijn glas. Hij was iets aan het voorbereiden.
De glazen werden leger. De stemmen voller. Ik voelde de wijn naar mijn hoofd stijgen, een lome warmte die mijn tong losser maakte en mijn remmingen deed smelten. Manon lachte te hard om een grap van Pieter, haar hand gleed even over zijn dij, een gebaar dat onschuldig leek, maar dat ik herkende als iets anders. Pieter keek naar mij, zijn ogen iets te lang op mijn lippen. Ik voelde mijn wangen rood worden, niet alleen van de alcohol. Willem schonk nog een rondje in, zijn vingers streken langs de mijne toen hij mijn glas aangaf. Een lichte aanraking, maar genoeg om een vonk te slaan.
Het geroezemoes van de andere gasten werd een achtergrondruis, een cocon om onze nis heen. We waren aangeschoten genoeg om de randjes te verliezen, maar nog scherp genoeg om te weten wat we deden.
Toen viel er een korte stilte. Willem draaide zijn bierflesje rond tussen zijn vingers, het condens maakte natte kringen op het hout.
“Het is gek,” zei hij zacht, bijna tegen zichzelf. “Om hier zo te zitten. Alsof er niets gebeurd is.”
Pieter verslikte zich bijna in zijn biertje. Manon verstijfde even, maar haar mondhoeken krulden al omhoog.
“Bedoel je die zaterdag?” vroeg ze, stem plagend, haar ogen glinsterend in het schemerlicht van de wandlamp.
Willem knikte. Hij keek me niet direct aan, maar ik voelde zijn blik als een streling over mijn hals.
“Ik heb de verhalen gehoord. Van Noortje. Van jullie. Maar het blijft… plat op papier. Ik zat thuis. Ik rook haar toen ze thuiskwam. Ik voelde de restanten op haar huid, proefde het bijna. Maar ik heb het niet gezien. Ik was er niet bij.”
De woorden vielen zwaar in de nis. Ik voelde hoe Pieters been iets harder tegen het mijne drukte, een onwillekeurige reactie. Mijn hartslag versnelde. Een golf van schaamte en opwinding spoelde door me heen. Ze gingen over mij praten. Over wat ik had gedaan. Over wie ik was geweest.
Manon leunde voorover.
“Vertel dan,” zei ze tegen Pieter. “Hoe het voelde. Echt.”
Pieter schraapte zijn keel. Zijn stem was schor, alsof hij de woorden uit een droge keel moest peuteren.
“Ze kwam de trap op… in dat zwarte ding. De hakken klikten op de treden. Ik rook haar al voor ik haar zag. En toen stond ze daar. Niet Noortje. Iemand anders. Ze keek Manon aan alsof… alsof Manon de enige was die ertoe deed.”
Toen hij dat zei, voelde ik een steek in mijn buik. Trots, maar ook schaamte. Ja, ik had Manon aangekeken alsof zij de enige was die ertoe deed. En ik had het gemeend. Ik voelde mijn tepels hard worden tegen de stof van mijn jurk, een reactie die ik niet kon tegenhouden.
Manon viel hem bij, stem zachter.
“Ze ritste haar colbertje open. Langzaam. Ik hoorde het metaal van de rits, tik voor tik. En toen gleed het jasje van haar schouders. Die bustier duwde haar borsten omhoog, alsof ze op een presenteerblaadje lagen. Ik voelde mijn mond droog worden. Ik wilde haar proeven. Meteen.”
Ik zat ertussenin, ingeklemd, luisterend naar mezelf als een vreemde. Mijn wangen gloeiden. Onder tafel gleed Pieters hand even over mijn knie, een lichte, bijna toevallige aanraking die elektrisch aanvoelde. Ik voelde me naakt, ook al droeg ik kleren. Ze beschreven me alsof ik er niet bij zat, en toch zat ik ertussen, voelend hoe hun woorden over mijn huid kropen.
Willem keek naar hen, dan naar mij. Zijn pupillen waren groot, zwart.
“En toen?” vroeg hij hees.
Pieter slikte.
“Ze kuste Manon. Niet voorzichtig. Hongerig. Ik hoorde hun ademhaling, het natte geluid van tongen. En toen… Manon duwde haar op bed. Ik keek toe hoe Noortje haar vingers in Manon liet glijden. Hoe Manon kreunde, hoe haar heupen omhoog kwamen. Ik stond op springen, maar ik wilde nog niet.”
Bij die woorden voelde ik een scheut tussen mijn benen. Ze hadden gelijk. Ik was toegewijd geweest. Ik had Manon bespeeld alsof mijn leven ervan afhing. En ik had het heerlijk gevonden. Ik kneep mijn dijen samen, probeerde de tinteling te dempen.
Manon lachte zacht.
“Ze was zo… toegewijd. Echt alsof ze betaald werd om mij te laten klaarkomen. En toen ik kwam… god, ik voelde het overal. Over haar hand, langs haar pols. Ze keek me aan met die donkere ogen, en ik wist, dit was nog maar het begin.”
Ik voelde tranen prikken, geen tranen van schaamte, maar van een vreemde ontlading. Ze hadden me gezien. Ze hadden me gebruikt. En ik had het gewild. Ik voelde me klein en machtig tegelijk. Mijn adem stokte even.
Stilte. Alleen het tikken van glazen in de verte en ons eigen ademen.
Willem leunde achterover toen ze klaar waren.
“Ik wil het niet alleen horen,” zei hij. “Ik wil het zien. Ik wil weten hoe het voelt om toe te kijken terwijl jij… niet van mij bent.” Hij keek naar Pieter. “Ik heb een fantasie. Stel je voor… jij en ik zijn op zakenreis. We zitten in een hotelbar. En dan komt zij binnen. Noortje. Maar niet als Noortje. Als… een professional. Ze komt naar ons toe en vraagt of we voor zaken of plezier zijn. Wij zeggen zaken… maar dat we openstaan voor plezier.”
“En dan?” vroeg Manon zacht.
“Dan neemt ze ons mee,” zei Willem, en hij keek me recht aan. “Naar haar hotelkamer. Haar afwerkplek. En daar hebben we seks met haar. Allebei. Terwijl ik zie hoe een andere man mijn vrouw neemt.”
Mijn adem stokte. Ik voelde mijn hart bonken in mijn keel.
“Kan je dat?” fluisterde ik. “Echt toekijken? Zonder in te grijpen?”
Hij knikte langzaam.
“Ik denk het. Het idee alleen al…”
Manon boog over Pieter heen en greep mijn pols.
“WC. Nu.”
In het smalle toilet duwde Manon me zacht maar beslist tegen de wastafel. De rand van het porselein drukte in mijn onderrug. Het licht was gedimd, een enkel peertje boven de spiegel, en de spiegel zelf was licht beslagen van het vocht en de warmte van te veel lichamen die hier eerder waren geweest. Manon stond dicht tegen me aan, haar borsten raakten de mijne, haar dij gleed tussen de mijne door, een lichte druk die me dwong mijn benen iets verder uiteen te zetten. Haar adem was warm en zwaar van wijn, ze rook naar rood fruit en iets zoets dat ik niet kon plaatsen.
Ze bracht haar hand omhoog en haalde langzaam haar vingers door mijn haar, van mijn oor naar mijn nek. Het gebaar was teder, bijna liefkozend, maar haar ogen stonden donker en vastberaden.
“Zag je Pieter?” fluisterde ze, haar lippen zo dicht bij mijn oor dat ik haar adem voelde trillen. “Hij stond op springen. Zijn broek spande al voordat we zelfs maar begonnen te praten. En Willem… hij meent het. Maar woorden zijn goedkoop, Noor. Laat hem bewijzen dat hij het aankan. Laat hem zien wat er gebeurt als jij een andere man een handje helpt waar hij bij is.”
Ik voelde een scheut hitte laag in mijn buik, scherp en onverwacht. Mijn tepels trokken strak tegen de stof van mijn jurk. Maar tegelijkertijd sloeg de paniek toe.
“Nu? Hier?” Mijn stem klonk hoger dan ik wilde, een beetje schril. “In het café? Iedereen kan het zien. Er lopen mensen langs, bediening… we zitten weliswaar in die nis, maar als iemand een bestelling komt opnemen…”
Manon glimlachte. Ze liet haar hand uit mijn haar glijden, legde hem tegen mijn wang en draaide mijn gezicht zacht naar haar toe. Haar duim streek over mijn onderlip, bijna alsof ze me wilde proeven.
“Dat is het nou net,” fluisterde ze. “Dat maakt het lekker. Dat je weet dat er elk moment iemand binnen kan komen. Dat je je moet inhouden. Dat je stil moet zijn terwijl je hem verwend en je voelt hoe hij in je hand komt. En Willem die toekijkt, die probeert zijn gezicht in de plooi te houden terwijl hij weet wat er onder tafel gebeurt. Dat is wat hem zal breken… of maken.”
Ik slikte. Mijn keel was droog. Ik voelde hoe mijn lichaam reageerde op haar woorden, op haar nabijheid. Maar mijn hoofd zei nee. Dit was te veel. Te snel. Te riskant.
“Ik weet niet of ik dat durf,” gaf ik toe, mijn stem zacht. “Vorige keer… vorige keer was het veilig. In jullie huis. Niemand kon ons zien. Dit… dit is anders. Ik voel me al zo blootgesteld als ik hier zit, met jullie benen tegen de mijne. Als ik dit doe, als ik echt… als hoer…”
Manon keek me aan, haar ogen donker en intens. Ze leunde nog dichterbij, haar lippen raakten bijna de mijne.
“Dat is precies waarom je het moet doen,” fluisterde ze. “Omdat het je bang maakt. Omdat het je opwindt. Omdat je voelt hoe nat je al wordt als ik er alleen maar over praat.”
Haar hand gleed omlaag, over mijn hals, langs mijn sleutelbeen, tot haar vingertoppen de rand van mijn decolleté bereikten. Ze liet ze daar rusten, niet echt strelend, maar wel voelbaar.
“Ik zie het aan je,” zei ze zacht. “Je pupillen zijn groot. Je ademhaling is sneller. Je wilt het. Je wilt weer die vrouw zijn die genomen wordt, die gebruikt wordt, die betaald krijgt om te neuken. En je wilt dat Willem het ziet. Dat hij ziet hoe goed je bent als hoer. Dat klopt toch?”
Ik sloot mijn ogen even. Ze had gelijk. Ik voelde het overal, in mijn borst, in mijn buik, tussen mijn benen. De schaamte maakte het alleen maar erger. Of beter.
“Maar als iemand binnenkomt…” begon ik zwakjes.
“Dan stoppen we,” zei ze eenvoudig. “Of niet. Misschien vinden we het juist lekker als ze kijken. Misschien word je nog natter als je weet dat iemand van de bediening het ziet. Dat ze ziet hoe je een man bevredigt onder tafel, terwijl je glimlacht alsof er niets aan de hand is.”
Ze drukte haar voorhoofd even tegen het mijne. Haar stem werd nog zachter, bijna een zucht.
“Je bent zo mooi als je toegeeft wie je bent, Noor. Laat het gebeuren. Laat hem zien dat je het kunt. Dat je het wilt.”
Ik ademde diep in. De hitte tussen mijn benen was nu niet meer te negeren. Ik knikte langzaam.
“Oké,” fluisterde ik. “Laten we het doen.” Manon glimlachte, een glimlach vol belofte. Ze gaf me een lichte kus op mijn mondhoek, niet diep, maar genoeg om me te laten trillen.
“Mooi,” zei ze. “Kom. We gaan terug.”
Ze liet me los, draaide zich om en opende de deur. Ik volgde haar, mijn benen zwaar, mijn hart bonkend, wetend dat ik zojuist een grens had overschreden die ik nooit meer terug kon nemen.
Terug in de nis schoof ik weer tussen de mannen in. Manon ging zitten en hief haar glas, een trage, triomfantelijke glimlach op haar lippen.
“Dus,” zei ze helder, haar stem net luid genoeg om boven het geroezemoes uit te komen, “Willem denkt dat hij kan toekijken. Bewijs het.”
Willem opende zijn mond, maar hield zich in. Zijn ogen vonden de mijne, donker en intens, en ik voelde hoe mijn adem even stokte. Mijn linkerhand gleed onder tafel, vond Pieters dij. De stof van zijn broek was warm, ruw onder mijn palm. Ik begon te strelen, langzaam cirkels trekkend aan de binnenkant, hoger, tot ik de harde bobbel voelde. Pieter verstijfde, maar hield zijn gezicht in de plooi, alleen een lichte trilling in zijn kaak verried hem.
Ik keek strak naar Willem. Hij leunde nonchalant op tafel, maar ik kende hem. Zijn hand om zijn bierglas verstarde. Zijn knokkels trokken wit weg en de spieren in zijn onderarm spanden zich aan. Hij was niet geschokt, hij was aan het focussen. Zijn ogen bleven op mijn gezicht, maar ik wist dat hij elke beweging van mijn arm volgde, elke lichte schok in Pieters schouders zag.
Manon leunde voorover. Haar stem was streng, maar met een ondertoon van plezier.
“Ik heb een hoer meegenomen,” zei ze, de woorden bijna liefkozend uitsprekend, alsof ze een cadeautje onthulde. “En hoeren werken niet voor niets. Pieter… maak je broek open.”
De woorden landden als een lichte zweepslag. Ik voelde een golf hitte door me heen schieten. Schaamte, ja, maar vooral iets anders: herkenning. Daar was het weer. Dat gevoel. De rol gleed als een tweede huid over me heen. Vorige keer had het me bang gemaakt. Nu… nu voelde het als thuiskomen. Mijn adem werd oppervlakkiger en ik voelde mijn wangen warmer worden dan ze al waren. Ik was weer haar. De vrouw die gebruikt werd. De vrouw die betaald kreeg om seks te hebben. En het voelde goed. Te goed.
Pieter aarzelde een seconde, keek schichtig om zich heen. Maar we zaten in de schaduw van het gordijn, half verborgen achter de zware boog. Ik hoorde het zachte geritsel van zijn rits. Mijn hand gleed naar binnen, vond warme, naakte huid. Hij was gloeiend, kloppend. Ik sloot mijn vingers om hem heen en begon hem te strelen, traag, ritmisch, precies zoals een hoer dat zou doen. Professioneel, doelgericht, zonder aarzeling.
Rechts van ons hoorde ik het gerinkel van glaswerk. Een jongen liep langs met een vol dienblad, zijn schort streek bijna langs de rand van de tafel. Mijn hart sloeg een slag over, maar mijn hand stopte niet. Verderop lachte een vrouw luid, een schril geluid dat door de muziek heen sneed. Aan een tafeltje schuin tegenover ons stond een meisje van de bediening nietsvermoedend een tafel schoon te vegen met een doekje. Ze keek onze kant op, verveeld, onwetend dat ik op nog geen drie meter afstand de man van mijn vriendin betastte. De dreiging van ontdekking, de nabijheid van het normale leven, maakte het alleen maar intenser. Ik voelde hoe mijn slipje doorweekte.
Tegelijkertijd reikte mijn rechterhand naar Willem. Ik legde hem alleen maar op zijn kruis, door de stof heen. Geen strelen, geen knijpen, geen ritme. Alleen druk. Een lichte, constante druk, alsof ik hem herinnerde: ik ben hier. Ik doe dit. Kijk. Hij was keihard. Hij sloot zijn ogen even, kaak verstrakt, maar keek niet weg. Hij keek naar Pieter, naar de man die nu genot kreeg van zijn vrouw, en ik zag hoe zijn borstkas sneller op en neer ging. Zijn ademhaling werd onregelmatig, oppervlakkig. Hij vocht om zijn gezicht in de plooi te houden, maar ik zag het, de spieren in zijn nek spanden zich, zijn lippen weken iets uiteen. Hij kwam niet door mijn hand. Hij kwam door wat hij zag. Door wat hij wist. Door de gedachte dat zijn vrouw, zijn Noortje, op dit moment een andere man aftrok, als hoer.
Ik versnelde bij Pieter. Het geroezemoes in het café leek weg te vallen, gereduceerd tot een tunnelvisie van sensatie. Pieter hield zijn adem in. Ik voelde hem zwellen. Ik voelde een stroom over mijn hand lopen. Warm, dik en kleverig.
Op hetzelfde moment voelde ik Willem schokken. Zijn lichaam spande zich één keer, kort en hevig. Ik voelde de natte warmte door de stof heen tegen mijn palm sijpelen. Hij kwam zonder een kik, puur van het kijken, van het weten. Zijn hoofd viel iets naar achteren, ogen halfgesloten, een stille ontlading die alleen wij zagen.
Ik trok mijn handen terug. Mijn linkerhand glom. Zonder na te denken veegde ik hem af aan de binnenkant van Pieters broek. Hij ritste zijn broek dicht, wangen rood, ogen glazig. Willem opende zijn ogen. Ik zag het genot en de beneveling van de drank. Hij keek versuft, maar ook intens tevreden, een mengeling van opluchting en honger.
Manon hief haar glas. Haar stem was kalm, maar haar ogen glinsterden.
“Nou, dat lijkt mij duidelijk. De mannen gaan op zakenreis. Ik zal wat boeken voor eind volgende week.”
Ik voelde hoe mijn hart nog steeds bonsde, hoe mijn dijen nat waren van mijn eigen opwinding. Ik was weer haar geweest. En het had geen seconde ongemak gekost. Het was alsof de rol nooit weg was geweest. Ze had alleen maar gewacht tot ik haar weer aantrok.
De week die volgde voelde onwerkelijk. Op mijn werk staarde ik tijdens meetings naar mijn handen, denkend aan hoe ze Pieter hadden vastgehouden. Een keer was een spelletje geweest. Twee keer een keuze. Maar dit… dit voelde als een nieuwe werkelijkheid. De beelden van het café, de angst om betrapt te worden en de kick die dat gaf, bleven door mijn hoofd spoken.
Ik belde Manon.
“Hey… al zenuwachtig?”
“Ja. Heel erg. Manon… moet ik dit wel doen? Gaan we niet te ver? Jij… jij bent oké met mij en Pieter? Echt?”
Stilte. Zucht.
“Het lijkt misschien niet zo, maar ik heb ook getwijfeld, Noor. De eerste dagen na die zaterdag. Ik zag hoe hij naar je keek, hoe hij je naam noemde in zijn slaap. Jaloers. Maar niet op jou. Op wat jij in hem losmaakte. Dat jij hem liet voelen wat ik soms niet meer bereik.” Ik hoorde haar slikken. “Maar ik ben oké ermee. Meer dan. Het windt me op om te weten dat jij hem neemt. Dat jij hem gebruikt zoals ik hem gebruik. En eerlijk? Mijn tijd komt nog wel.”
De woorden hingen ertussenin. Niet direct, maar duidelijk. Ze wilde mij. Echt.
“Dus… je wilt dat ik dit doe?”
“Ja. Voor ons allemaal. Voor Willem, die dit nodig heeft om te voelen dat hij je nog heeft. Voor Pieter, die jou nooit uit zijn hoofd krijgt. En voor mij… omdat ik wil zien hoe ver je gaat. En misschien, ooit, mag ik je dan ook helemaal.”
Ik ademde diep in.
“Oké. Dan doe ik het.”
“Mooi. En Noor? Geniet ervan. Dit ben jij nu.”
Ik hing op. De twijfel was er nog, maar kleiner. Erachter lag erkenning. Ik vond dit fijn. De rol. De overgave. De macht. En dat maakte me bang. Maar ook vrij.
Thuis, in de veilige avonden met Willem, kreeg de fantasie verder vorm. We lagen op de bank of in bed, en hij voedde het vuur.
“Stel je het voor,” fluisterde hij dan in mijn oor. “Ik in de kamer. Pieter die je neemt. Ik kijk. Raak mezelf aan.”
“En dan?” vroeg ik, terwijl ik voelde hoe ik nat werd van zijn woorden.
“Dan neem ik je. In zijn resten. Vies. Van mij.”
Het wond me op, maar het maakte me ook bang. Wat als ik het te fijn vond? Wat als de rol me overnam? Maar Willem stelde me gerust, niet door het te ontkennen, maar door het te omarmen. “Ik wil jou zien als hoer, omdat het jou vrijmaakt. En omdat het mij opwindt om te weten dat je altijd terugkomt. Bij mij.”