Het Archief (deel 5)

Soms, als ik nu een keer met de trein reis en we stoppen op een groot station met van die hoge, stalen gewelven en het geluid van piepende remmen, voel ik het weer. Die specifieke knoop in mijn maag. Niet van reiszenuwen, maar van een diepere, oudere angst die gekoppeld is aan pure opwinding. Een opwinding van iets waar ik niemand ooit over heb verteld. Een opwinding van twaalf jaar geleden.

Als ik terugkijk op die periode, zie ik een duidelijke scheidslijn. Er was het leven vóór die regenachtige dinsdagmiddag, en het leven erna. Dick was de katalysator geweest. Hij was de man die me had laten zien dat ik een lichaam had dat meer kon dan alleen functioneren en er leuk uitzien. Hij had me geleerd te genieten van exhibitionisme en van de gretige blikken van mijn eigen man. Maar Dick was, hoe spannend ook, uiteindelijk veilig. Hij speelde met me in het ondiepe gedeelte van het zwembad. We spetterden wat, we lachten, we hadden plezier.
Maar ik wist, diep vanbinnen, dat ik niet wilde spetteren. Ik wilde verdrinken. Ik wilde naar het diepe, waar je de bodem niet meer kunt voelen en waar de regels van de oppervlakte niet meer gelden. Ik zocht geen minnaar die me wilde plezieren. Ik zocht iemand die me wilde bezitten. En ik wist dat die stap onomkeerbaar zou zijn.

Die middag op het station van Haarlem veranderde mijn leven. Voorgoed.

**********

De avond met Dick en Sjoerd in onze woonkamer had iets in mij opengebroken dat niet meer te lijmen viel. Het was alsof er een dam was doorgebroken. Waar ik voorheen dacht dat mijn verlangens gingen over seks, over variatie, over gezien worden, begon ik nu te begrijpen dat het dieper lag. Veel dieper. De adrenaline van die avond, de manier waarop ik daar lag, tentoongesteld, gebruikt, bekeken, had een honger wakker gemaakt die met gewone seks niet meer te stillen was. Ik had geproefd van machteloosheid en het smaakte naar meer.

In de weken die volgden veranderde mijn relatie met Dick. De speelse flirterigheid verdween. Onze ontmoetingen in zijn studio werden zakelijker, bijna klinisch, maar daardoor des te opwindender. Hij nam me niet meer als een minnaar die me wilde plezieren, maar als een man die wist dat hij me in zijn zak had. Toch merkte ik aan alles dat Dick tegen zijn plafond zat. Hij was een genieter, een passant, een man die hield van het spel van verleiding en verovering. Maar wat ik zocht, die totale en verpletterende overgave, dat kon hij me niet geven. Hij was een toerist in de wereld waar ik wilde wonen.

Op een regenachtige dinsdagmiddag, nadat we seks hadden gehad en ik mijn kleren weer aantrok, ging hij op de rand van zijn bureau zitten. Hij keek me lang en indringend aan.
“Je hebt meer nodig Vic,” zei hij. Het was geen vraag.
Ik stopte met het dichtknopen van mijn blouse.
“Hoe bedoel je?”
“Dit.” Hij gebaarde tussen ons in. “Dit is leuk. Het is geil. Maar ik zie het aan je ogen. Je zoekt grenzen die ik niet voor je kan trekken. Je wilt niet alleen geneukt worden. Je wilt bezeten worden.”
Zijn woorden raakten me als een donderslag bij heldere hemel. Hij benoemde precies datgene wat ik zelf nog niet durfde te formuleren. Ik knikte langzaam.
“Ik ken iemand,” ging Dick verder. Hij stak een sigaret op, iets wat hij zelden deed. “Hij is geen vriend, niet in de traditionele zin. Hij zit in mijn netwerk. We delen interesses. Hij is van een ander kaliber Vicky. Hij is een Meester.”
Ik proefde het woord op mijn tong. Meester. Het klonk archaïsch, bijna lachwekkend in de context van mijn moderne kantoorbaan en mijn rijtjeshuis. Maar tegelijkertijd deed het mijn bloed sneller stromen.
“Hij heet Bert,” zei Dick. “Hij zoekt iemand. Iemand die specifiek is. Iemand zoals jij. Maar hij is niet makkelijk. Hij is veeleisend. Als hij je accepteert verandert alles.”

We praatten uren verder die middag. Dick vertelde me over de wereld van dominantie en onderwerping. Niet zoals in de slechte films, maar de realiteit van psychologische controle. Hij vertelde dat Bert een achtergrond had die absolute discretie vereiste. Hij had een zeer vooraanstaande en verantwoordelijke baan bij de rechtbank in Den Haag. Een man van wetten en regels, en daarom extreem voorzichtig in zijn privéleven.
“Hij wil je ontmoeten,” zei Dick uiteindelijk. “Ik heb hem over je verteld. Ik heb hem gezegd dat je er klaar bent. Hij wil een warme overdracht. Hij wil zien wat ik hem aanbied.”
Aanbied. Het woord bleef hangen. Ik was handelswaar geworden. En tot mijn eigen verbijstering vond ik dat idee het meest opwindende wat ik ooit had gehoord. Ik stemde in.

De afspraak werd gemaakt voor twee weken later. De instructies die ik via Dick ontving waren strikt en niet onderhandelbaar. Plaats: Station Haarlem, de wachtkamer op perron 3. Tijd: 11:00 uur stipt. Kleding: een rok die op de knie viel, een nette blouse en hakken. Geen lingerie. Geen bh en geen slipje. En ik moest beneden volledig, maar dan ook volledig, kaal geschoren zijn.

De dag van de afspraak werd ik wakker met een knoop in mijn maag die het midden hield tussen pure doodsangst en misselijkmakende euforie. Sjoerd was al naar zijn werk. Hij wist dat ik een afspraak had met Dick maar de details van Bert had ik vaag gehouden. Dit voelde als iets dat eerst van mij moest zijn voordat ik het met hem kon delen.
Ik stond in de badkamer. Het ritueel van het scheren voelde als een voorbereiding op een operatie of een offer. Ik had tot dan toe altijd een streepje laten staan, een laatste restje van mijn eigen identiteit. Nu moest alles weg. Met het scheermesje in mijn hand verwijderde ik elke haar en elk stoppeltje totdat ik er beneden kaal, kwetsbaar en kinderlijk uitzag. Het voelde vreemd bloot.

Toen ik klaar was bekeek ik mezelf in de spiegel. Mijn schaamlippen waren zichtbaarder dan ooit en mijn clitoris leek prominenter aanwezig zonder de bescherming van haar. Ik was klaar om geïnspecteerd te worden.
Ik kleedde me aan volgens de voorschriften. Een kokerrok van grijze wol, een witte zijden blouse en zwarte pumps. Toen ik de stof van de rok direct op mijn blote billen voelde en de zijde van de blouse over mijn gevoelige tepels gleed moest ik me vastgrijpen aan de wastafel. Het gevoel van naaktheid onder die keurige kleding was overweldigend. Ik voelde me een bedrieger. Een wandelende seksuele bom vermomd als zakenvrouw.

Dick haalde me op om tien uur. Hij reed niet in zijn gebruikelijke sportieve Audi TT maar in een degelijke Volkswagen sedan. Hij droeg een pak. De sfeer in de auto was anders dan ik gewend was. Er was geen geflirt en geen hand op mijn knie. Dick was gefocust en serieus. Hij was vandaag niet mijn minnaar. Hij was mijn begeleider. Mijn eigenaar die op weg was naar de markt.

Toen ik instapte zag ik op de passagiersstoel een zwarte map liggen. Ik pakte hem op en legde hem op mijn schoot.
“Wat is dat?” vroeg ik terwijl we wegreden. Dick keek even opzij.
“Dat is je portfolio Vicky. De foto’s. De beste afdrukken van de afgelopen maanden. De close-ups, de spreidstanden en de momenten dat je klaarkwam. Bert wilde zien wat hij in huis haalt voordat hij tijd in je investeert.”
Ik staarde naar de map. Mijn diepste intimiteit en mijn meest kwetsbare momenten zaten gevangen tussen twee stukken zwart karton. Het lag daar als een CV. Een catalogus.
“Geef je dat aan hem?”
“Ja. Het is onderdeel van de overdracht.”
Ik slikte en staarde naar het voorbijschietende landschap en voelde me los van de werkelijkheid. We waren op weg naar een man die ik niet kende om me aan hem over te leveren zonder vangnet.

Toen we het station van Haarlem binnenliepen sloeg de monumentale schoonheid van het gebouw me. De hoge gewelven, het houtwerk en de sfeer van vervlogen tijden. Het eindpunt van de eerste Nederlandse spoorlijn. Maar vandaag was het geen eindpunt. Het was het begin van een nieuwe reis. Waar sinds 1839 al duizenden mensen hadden gelopen, liep ik nu, zonder ondergoed, naar een onbekende reiziger.
“Kom,” zei Dick. Hij pakte mijn elleboog vast. Niet liefdevol maar sturend.

We liepen naar de wachtkamer op perron 3. Het was een prachtige ruimte met houten banken en hoge ramen waar het licht gefilterd binnenkwam. Het rook er naar oude koffie en stof. Het was rustig maar niet leeg. Een paar reizigers zaten te wachten, verdiept in hun telefoons of kranten.
Aan een tafeltje in de hoek, met perfect zicht op de ingang, zat hij.
Bert.
Ik had me een voorstelling van hem gemaakt gebaseerd op Dicks verhalen. Ik had een reus verwacht, een bullebak. Maar de man die opstond toen we naderden was anders. Hij was ongeveer 1 meter 85 en had een pezig lichaam. Hij droeg een strak donkerblauw pak dat hem perfect paste. Zijn haar was kort en bruin met een lichte grijze waas bij de slapen. Hij had een stoppelbaardje dat zijn gezicht een zekere hardheid gaf.
Maar het waren zijn ogen die grepen. Ze waren donker, scherp en onrustbarend kalm. Het waren de ogen van iemand die gewend was om te observeren, om leugens te doorzien en om zwakte te ruiken. De ogen van een rechter die zijn oordeel al klaar heeft.

Dick liep op Bert af en stak zijn hand uit.
“Bert,” zei hij.
“Dick.” Berts stem was laag. Een bariton die trilde in mijn middenrif. Hij schudde Dicks hand kort en krachtig maar zijn blik verliet mij geen seconde. Hij bekeek me niet zoals Dick dat deed, met honger en bewondering. Hij bekeek me zoals een keurmeester een paard bekijkt. Hij scande mijn houding, mijn benen, mijn borsten en mijn gezicht. Hij zocht naar fouten.
“Dit is Vicky,” zei Dick. Hij deed een stapje opzij alsof hij een kunstwerk onthulde.
Ik stond daar. Mijn handen waren klam en mijn knieën trilden.
“Hallo,” probeerde ik te zeggen maar er kwam nauwelijks geluid uit mijn keel.
Bert gaf me geen hand. Hij bleef staan met zijn handen losjes langs zijn lichaam.
“Draai je eens om,” zei hij.
Het was geen vraag. Het was een commando, uitgesproken op conversatietoon maar met een absolute autoriteit die geen tegenspraak duldde.
Ik keek naar Dick voor steun maar hij keek naar Bert. Ik stond er alleen voor. Ik draaide me langzaam om. Ik voelde Berts ogen op mijn rug, op mijn billen en op de welving van mijn kuiten. Ik voelde me naakter dan ik me ooit in Dicks studio had gevoeld. Hier in deze kleren en in deze openbare ruimte was de inspectie indringender dan welke naaktfoto dan ook.
“Mm,” hoorde ik achter me.
“Draai terug.”
Ik draaide me weer om. Bert wees naar de stoel tegenover hem.
“Ga maar zitten.”

We gingen zitten. Dick legde de zwarte map op tafel en schoof hem naar Bert toe. Het gebaar had iets ceremonieels en iets definitiefs. Bert legde zijn hand op de map maar opende hem nog niet. Hij bleef me aanstaren.
“Dick vertelt me dat je verveeld bent,” zei Bert. Hij leunde achterover en zijn ogen priemden in de mijne. “Dat je een man hebt die te lief voor je is en een minnaar die te speels is. Hij zegt dat je grenzen zoekt.”
Ik slikte. Zo had ik er nog niet over nagedacht, maar het raakte wel de waarheid.
“Dat… dat klopt.”
“Waarom?”
De vraag was simpel maar het antwoord was complex. Waarom zat ik hier zonder ondergoed tegenover een wildvreemde man die me behandelde als een klein kind?
“Omdat ik niet wil nadenken,” flapte ik eruit. Het was de eerlijkste zin die ik in jaren had uitgesproken. “Ik ben de hele dag bezig met beslissingen nemen, met zorgen en met plannen. Ik wil… ik wil dat het me uit handen wordt genomen. Ik wil voelen.”
Een klein en nauwelijks waarneembaar glimlachje krulde Berts mondhoek omhoog.
“Goed antwoord.”

Bert opende de zwarte map die Dick hem had overhandigd. Hij deed het niet stiekem, niet met de behoedzaamheid die je zou verwachten bij zo’n lading. Hij spreidde de foto’s uit op het tafeltje, midden in de stationshal, alsof hij de kwartaalcijfers van een saai bedrijf doornam.
Terwijl zijn vinger langs de randen van de foto’s gleed, praatte hij met Dick over belichting en compositie. Hun stemmen waren niet gedempt. Ze fluisterden niet. Het was die totale, zakelijke nonchalance die me de adem benam. Ik keek paniekerig om me heen. We werden omringd door forenzen, studenten en dagjesmensen. Een vrouw met een kinderwagen liep op nog geen meter afstand langs onze tafel. Als ze een seconde opzij had gekeken, had ze het gezien.

En wat ze gezien zou hebben, was ondenkbaar. Ik zag mijn eigen naakte lichaam voorbijkomen in genadeloos detail. Een foto in full colour waar ik mijn benen wijd gespreid had, elk intiem detail zichtbaar en glanzend in het studiolicht. Een close-up van mijn gezicht, verwrongen in een orgasme, bezweet en met mijn mond open in een stille schreeuw.
Ik wilde mijn hand op de foto’s leggen om ze te bedekken, om mezelf te beschermen tegen de toevallige blikken van vreemden, maar ik stond aan de grond genageld. Het voelde alsof ik daar zelf naakt op tafel lag. Voor hen was ik geen vrouw van vlees en bloed die zich zorgen maakte over wie er meekeek; ik was handelswaar, een portfolio dat beoordeeld moest worden voordat de deal gesloten kon worden.
“De kwaliteit is goed,” zei Bert tegen Dick. Hij doelde op de foto’s maar ik voelde aan alles dat hij het over mij had. “Ze is fotogeniek. En ze lijkt makkelijk te openen.”

Bert keek weer naar mij. De blouse spande lichtjes. Mijn tepels waren hard door de kou en de spanning en ze priemden duidelijk zichtbaar door de stof heen.
“Geen bh,” constateerde hij. “Zoals gevraagd.”
“Dat klopt,” fluisterde ik.
“Laat zien.”
De wereld stopte even met draaien. Ik keek om me heen. Er liep een vrouw met een rolkoffer voorbij. Een conducteur stond verderop koffie te drinken. We zaten in een hoek, enigszins beschut, maar iedereen die langs zou lopen zou het kunnen zien.
“Hier?” mijn stem trilde. “Er zijn mensen.”
Berts gezicht verhardde. Hij boog zich iets voorover. De joviale toon was verdwenen.
“Ik geef je een opdracht Vicky. Als je die niet uitvoert staat het je vrij om nu op te staan en met Dick mee terug te gaan naar je veilige en saaie leven. Dan zien we elkaar nooit meer. Als je blijft doe je wat ik zeg. Onmiddellijk.”
De keuze was helder. Weglopen en veilig zijn of blijven en verdrinken in deze nieuwe en angstaanjagende diepte. Ik keek naar Dick. Hij knikte nauwelijks waarneembaar. Doe het, zeiden zijn ogen.

Mijn handen gingen naar de bovenste knoop van mijn blouse. Mijn vingers voelden gevoelloos, dik en onhandig. Ik maakte het eerste knoopje los. Toen het tweede. Het derde. Ik trok de stof een stukje uit elkaar.
“Verder,” zei Bert zacht. “Ik wil ze zien. Helemaal.”
Ik maakte de blouse verder open. De koele lucht van de stationshal streek over mijn blote borsten. Ik zat daar in het openbaar, mijn borsten blootgesteld aan deze vreemde man. Ik voelde me verschrompelen van schaamte. Ik wilde door de grond zakken en verdwijnen. Maar tegelijkertijd… tegelijkertijd voelde ik een hitte in mijn buik die niets met schaamte te maken had. Het was een pure en rauwe opwinding. De vernedering was de brandstof.
Bert keek. Hij keek alleen maar met die klinische en keurende blik. Hij liet me voelen hoe kwetsbaar ik was.
Een groepje jongeren liep luidruchtig pratend voorbij de ingang van de wachtkamer. Ik verstijfde en hield mijn adem in, bang dat ze naar binnen zouden kijken.
“Mooie cup,” zei Bert uiteindelijk alsof hij een stuk fruit beoordeelde. “Stevig. C-cup schat ik?”
“Ja,” fluisterde ik.
“Maak maar weer dicht.”
Ik graaide de stof bij elkaar. Mijn handen trilden zo erg dat het me moeite kostte om de knoopjes weer dicht te krijgen. Ik voelde me duizelig. De adrenaline gierde door mijn systeem.
“En de onderkant?” vroeg Bert terwijl hij een slok van zijn koffie nam. “Heb je je aan de instructies gehouden?”
“Ja.”
“Geen slipje?”
“Nee.”
“Glad?”
“Ja.”

Hij zette zijn kopje neer en stond op. De stoel schraapte over de vloer. Hij domineerde de kleine ruimte direct met zijn lengte. Dick bleef zitten en keek toe, zijn gezicht een masker van spanning en opwinding.
“Kom hier,” zei Bert. Hij wees naar de plek direct naast zich, aan de kant van de muur, enigszins afgeschermd voor de rest van de wachtkamer, maar nog steeds pijnlijk zichtbaar. “Ga naast me staan. Recht op.”

Ik stond op. Mijn benen voelden als gelei. Ik moest me even vasthouden aan de tafelrand voordat ik gehoorzaamde. Ik ging naast hem staan, schouder aan schouder, als een schoolmeisje dat zich bij het hoofd van de school moest melden voor straf. Hij stond zo dichtbij dat ik zijn warmte kon voelen en zijn geur van zware tabak en pepermunt. Zijn lichaam vormde een schild voor de mensen links van ons, maar voor de rest van de hal waren we gewoon twee mensen die wachtten op de trein.

“Kijk voor je uit,” beval hij zacht. “Kijk naar de stationsklok. Handen langs je lichaam.”
Ik fixeerde mijn blik op de grote klok aan de muur. Het was tien over elf. De secondewijzer tikte traag verder.
Ik voelde zijn hand op mijn heup. Hij streek achteloos over de wol van mijn rok. Toen gleed zijn hand naar beneden, naar de zoom. Hij tilde de rok aan de zijkant een stukje op. Ik voelde de koele tocht van de stationshal langs mijn bovenbenen omhoog kruipen.
Zijn hand gleed onder de stof. Zijn vingers waren ruw en warm. Hij raakte mijn dij aan. Hoog, vlak bij mijn lies.

Het besef sloeg in als een bom. Dit was niet Sjoerd. Dit was niet Dick. Dit was een wildvreemde man, iemand die ik vijf minuten geleden nog nooit had gezien, en hij stond nu naast me met zijn hand onder mijn rok in een openbare ruimte. Het voelde als een enorme overtreding, een inbreuk op mijn lijf die al mijn alarmbellen deed afgaan, maar juist dat gevoel van gevaar deed mijn bloed sneller stromen.

Zijn vingers gleden langzaam naar binnen. Ik hapte naar adem en staarde verwoed naar de klok om niet te trillen. Mijn knokkels werden wit waar ik mijn rok onbewust vastgreep, maar ik durfde hem niet weg te duwen.
Zijn hand bewoog verder, voorbij de grens van wat fatsoenlijk was. Hij vond mijn schaamlippen. Ik was drijfnat. Het vocht liep langs mijn benen.
“Zo,” fluisterde Bert, terwijl hij recht voor zich uit bleef kijken, alsof we samen naar de vertrektijden keken. “Je bent gretig zie ik. Je lekt als een loops teefje.”

Zijn woorden waren grof en vernederend en stonden in schril contrast met de zakelijke omgeving. Ze maakten me gek.
Hij duwde zijn middelvinger in me. Diep. In een beweging.
Ik moest op mijn lip bijten om een gil te smoren. Mijn ogen schoten vol tranen. Hij claimde me, daar staand in de hoek. Hij draaide zijn vinger rond, voelde aan mijn binnenste en testte mijn rekbaarheid.

Op dat moment liep er een man langs. Een reiziger in een beige regenjas met een aktetas. Hij vertraagde zijn pas, waarschijnlijk zoekend naar het juiste perron, en keek onze kant op. Onze blikken kruisten elkaar. Paniek greep me naar de keel. Ik probeerde wanhopig mijn gezicht in de plooi te houden, om eruit te zien als een vrouw die gewoon op haar trein wachtte. Maar ik voelde mijn wangen branden en mijn pupillen waren groot. Mijn ademhaling was te hoog, te snel. De man keek me indringend aan. Hij zag iets, dat wist ik zeker. Zag hij de lichte beweging van de stof van mijn rok? Zag hij hoe Berts arm in een onnatuurlijke hoek tegen mijn heup lag? Of zag hij een vrouw die op het punt stond klaar te komen in een overvolle wachtkamer? De verwarring op zijn gezicht, de manier waarop hij net iets te lang naar me bleef kijken voordat hij doorliep, maakte de sensatie onder mijn rok onhoudbaar intens. Ik was betrapt en toch ook niet.

Bert merkte het. Hij duwde zijn vinger nog iets dieper, genadeloos, precies op het moment dat de man uit het zicht verdween.
“Gladgeschoren,” constateerde hij tevreden, mijn angst volledig negerend. “Goed zo.”
Hij bleef zo staan, zijn vinger diep in mij. Ik stond tegen hem aan gedrukt, trillend op mijn benen. Ik was totaal overgeleverd aan zijn genade. Hij kon me hier ter plekke kapotmaken, zijn hand terugtrekken en me besmeurd achterlaten. Maar hij deed het niet. Hij hield me in zijn macht, in die ragfijne balans tussen terreur en genot.

Na wat een eeuwigheid leek trok hij zijn hand terug onder mijn rok vandaan. De stof viel weer op zijn plek. Hij veegde zijn vingers niet af. Hij bracht ze langzaam naar zijn neus en rook eraan, openlijk, terwijl hij me van opzij aankeek.
“Je ruikt naar angst en lust,” zei hij zacht. “Een uitstekende combinatie. Je mag weer gaan zitten.”
Ik zakte terug op mijn stoel. Hijgend en mijn hart bonzend als een bezetene. Bert pakte de map met foto’s. Hij sloot hem en legde zijn hand erop.
“Ik ben geïnteresseerd,” zei hij tegen Dick. Het klonk als een zakelijke deal die gesloten was. “Ik denk dat ik wel wat met haar kan.”
Toen keek hij naar mij.
“Maar ik beslis niet alleen. Ik ben getrouwd. Mijn vrouw, Manon, moet akkoord gaan. In onze relatie is openheid de enige regel. Als ik een nieuwe slavin aanneem moet zij die goedkeuren.”
Ik knikte, niet in staat om te spreken. Een nieuwe slavin. Het woord was gevallen.

“Je mag nadenken,” zei Bert. “Neem de tijd. Dit is geen spelletje voor een paar weken. Als je hieraan begint is het voor de lange termijn. En het zal zwaar worden. Ik zal dingen van je vragen die je nu nog niet kunt bedenken. Je zult ook niet de enige zijn. Manon en ik hebben een huishouden. Maar dat leg ik je later uit.”
Hij pakte een kaartje uit zijn binnenzak en schoof het over tafel naar me toe. Er stond alleen een 06-nummer op. Geen naam.
“Als je besluit dat je jezelf wilt weggeven bel je dit nummer. Dan maken we een afspraak voor de keuring door Manon.”
Hij stond op en pakte de zwarte map met mijn foto’s onder zijn arm.
“Bedankt voor de introductie Dick. De koffie is voor mij.”

Bert draaide zich om en liep weg zonder om te kijken. Ik keek hem na, naar zijn rechte rug en zijn zelfverzekerde pas. Hij nam mijn foto’s mee. Hij nam mijn waardigheid mee. En hij nam mijn rust mee.
Dick keek me aan. Er lag een vreemde uitdrukking op zijn gezicht. Een mengeling van spijt en trots.
“Zo,” zei hij zacht. “Dat was Bert.”

Ik pakte het kaartje van tafel en klemde het in mijn hand totdat de hoekjes in mijn huid sneden. Ik wist op dat moment al dat ik zou bellen. De angst die ik voelde was verstikkend maar de gedachte om terug te gaan naar mijn oude leven zonder die angst was nog erger. Ik was verkocht, in die wachtkamer in Haarlem, voor de prijs van een mapje foto’s en een vinger in mijn kruis.

Wat vond je van dit verhaal?

Aantal stemmen: . Gemiddeld cijfer:

Nog geen cijfer, ben jij de eerste ?

Geschreven door Gemini

Hoi! Fijn dat je een kijkje neemt bij mijn verhalen. Ik schrijf graag over de complexe kanten van liefde en connectie. Laat me vooral weten wat je ervan vindt! Liefs.

PS: Wil je persoonlijke feedback geven, me een berichtje sturen of heb je een verzoek voor een verhaal? Mail dan naar pixpoxy12@gmail.com.

Dit verhaal is 1010 keer gelezen.
Reageren? Leuk! Houd het aub on topic en netjes, dankjewel!

2 gedachten over “Het Archief (deel 5)”

  1. Beste Gemini,

    Mijn reactie bij deel 4 waarin ik de “twist” miste is ingehaald door deel 5.

    De verrassende en spannende “twist”, waarbij het verhaal een onverwachte wending neemt komt op het juiste moment.

    Compliment en ik ben nu echt benieuwd naar de volgende aflevering(en).

    Bart

    Beantwoorden

Plaats een reactie