Het Dakloze Meisje (4/7)

ZOEKEN EN VINDEN

Direct nadat ik na een dag werken thuis kwam beklom Puck me, blijkbaar was ze supergeil. Zoals steeds neukte ze me heftig en kwam ze al net zo heftig klaar. Daar zit ik dan met mijn stijve pik, ik kan het even niet aan om onbevredigd achter te blijven. Ik heb zin om weer eens echt ouderwets te neuken, waarbij ik boven lig. Nu ze zo close met me is geworden, moet ze dat volgens mij wel aankunnen. Ik trek haar stevig tegen me aan en draai me met haar om, waarna ik haar meteen hard begin te palen. Het is heerlijk om weer eens de ruimte te hebben en niet alleen mijn neukstaaf in haar op en neer te schuiven, maar ondertussen met mijn lichaam ook zoveel mogelijk contact te maken met het hare. Ik bedek haar lichaam dan ook bijna volledig met het mijne en het voelt onwijs lekker!

Maar Puck reageert niet bepaald ontspannen, woest is ze. ‘Klootzak, dit wil ik niet.’ Had ik nou maar geluisterd maar ik was al te ver heen in mijn geile roes. Bovendien ging ik ervan uit dat ze wel bij zou draaien. Dus breek ik haar weerstand en beuk en rag en paal ik door, eindelijk mijn moment pakkend, haar heerlijke tengere lijf net zolang totáal uitwonend tot ik brullend in haar klaarkom. Ondertussen heeft Puck haar verzet allang opgegeven, als een levenloze sekspop ligt ze onder me, haar ogen gesloten, haar armen in een weerloos gebaar boven haar hoofd, haar benen ver gespreid, mij verder zonder weerstand alle toegang tot haar lichaam biedend.

Als ik rond elf uur in de avond wakker word, hongerig omdat ik nog steeds niks gegeten heb, is Puck het bed uit. Ook in de woonkamer of logeerkamer tref ik haar niet aan en pas als ik in de keuken haar briefje vind weet ik wat ik al begon te vrezen; ze is weg!

‘Leef je voortaan maar lekker uit op andere meiden, klootzak.’ Ik ben er kapot van, ik begon haar nou juist leuk te vinden. Wat heeft me bezield om haar zo te grazen te nemen, te verkrachten bijna.
Met lange tanden eet ik wat en als ik weer in bed lig dringt het schuldbesef steeds dieper tot me door, tjesses, waarom zocht ik niet beter uit wat er met haar aan de hand was. Tegelijk met mijn schuldgevoel komt keihard bij me binnen dat ik haar absoluut terug wil hebben. Gelukkig snuffelde ik een keer in haar spullen en weet ik dankzij haar ID dat Puck als achternaam Gerritsen heeft. Ik pak mijn telefoon en googel op haar. Noppes.

Ik baal hier zó van. Dit is het gevolg van mijn eigen gedrag, haar vertrek. Ik wil echt dat ze nog een tijdje in mijn leven blijft en ga er alles aan doen om haar weer terug te krijgen. Ik app mijn vriend Joep, die enkele weken terug haar oppikte en in mijn maag splitste. Het enige wat hij me kan vertellen is dat ze toen in Utrecht rondhing, op dat plein tussen het centraal station en Hoog-Catharijne. Er zijn daar altijd wel wat dakloze bedelaars te vinden en daar sprak ze hem aan.

Oké, ik gok dat ze terug is gegaan, erop af dan maar. De volgende morgen bel ik mijn werk dat ik ziek ben en al om negen uur arriveer ik in Utrecht.

Zoektocht

Eenmaal op het stationsplein zoek ik een strategisch geplaatst bankje, van waar ik het plein goed kan overzien. Al gauw kom ik erachter dat daklozen blijkbaar geen ochtendmensen zijn, want tot elf uur komt er niemand opdagen. Maar dan gaat het hard, al gauw tel ik er een stuk of tien, een beetje met elkaar kletsend, ondertussen af en toe voorbijgangers aansprekend met het verzoek om ‘een kleine bijdrage in hun levensonderhoud.’ Eerlijk gezegd snap ik nooit waarom die gasten niet gewoon gaan werken, alleen al de horeca schreeuwt om mensen. Nou ja, dat is mijn zorg niet, maar ondertussen is er om een uur nog steeds geen Puck te zien. Nadat ik eerst een broodje heb gescoord en ervoor zorgde dat ik flink wat klein wisselgeld terugkreeg loop ik op het groepje af.

Ik maakte sneaky veel foto’s van Puck toen ze dag in dag uit zo lekker naakt op mijn bank lag te chillen. Vanmorgen nog heb ik een geprinte uitsnede gemaakt waarop alleen haar gezicht te zien is, die ga ik aan hen laten zien. Als eerste spreek ik een vrouw aan, ik gooi twee euro in het bekertje voor haar voeten, laat haar de foto zien en vraag haar of ze dit meisje kent. Een schouderophalen is haar reactie. Zo werk ik het rijtje af en pas bij de voorlaatste, een jonge kerel, heb ik succes. Hij zag haar gisteravond laat in de nachtopvang van het Leger des Heils aan de Biltstraat binnenkomen. Yés, ik heb het goed gegokt dat ze terug zou gaan naar Utrecht.

Ik huur een OV-fiets en peddel naar het adres, maar eenmaal daar blijken ze tot vijf uur vanmiddag gesloten te zijn. Tja, logisch wel voor een nachtopvang. Om de tijd door te komen fiets ik wat door de stad, ondertussen mijn ogen goed de kost gevend of ik Puck per ongeluk niet ergens zie, maar zonder resultaat. Iets voor vijven ben ik terug in de Biltsraat, waar al een klein clubje daklozen voor de nog steeds gesloten deur van de opvang staat te wachten. Als stipt om vijf uur de deur opengaat dringen zij als eersten naar binnen. Dan vraag ik aan de vrouw die de deur opende of zij Puck Gerritsen kent, waarbij ik haar de foto toon. ‘Wie wil dat weten?’ vraagt ze, me behoorlijk kritisch aankijkend. Ik laat haar mijn rijbewijs zien en vertel haar dat ze afgelopen maand bij mij in Amsterdam woonde, dat ze gisteravond weer wegliep en dat ik haar graag wil terugvinden, om haar onderdak te bieden.

De vrouw denkt even na en reageert dan met ‘het klopt dat ik haar een maand lang niet hier zag, maar helaas, ik mag u geen nadere gegevens van onze cliënten geven. Het beste kunt u hier in de buurt wachten tot ze arriveert.’ Als jurist besef ik dat de vrouw al eigenlijk meer heeft gezegd dan ze mag, door me duidelijk te maken dat Puck hier vaak komt en de komende nacht waarschijnlijk ook. Mijn hart springt op, ik hoop echt dat ze komt en besluit tot dat moment hier in de buurt rond te blijven hangen. Het gevolg daarvan is dat er een nieuwe wereld voor me opengaat. Door mijn werk op de Zuidas kom ik eigenlijk alleen maar in aanraking met de superrijken en dit is wel heel wat anders. Er komt een stroom van verwaarloosde mensen op gang die allemaal in de opvang van het Leger des Heils de nacht willen doorbrengen. Maar lang niet iedereen wordt toegelaten, om redenen die ik niet ken, misschien een keer herrie geschopt of wat dan ook.

Pas tegen zeven uur komt Puck opdagen en net voordat ze bij de opvang naar binnengaat weet ik haar staande te houden. Meteen schieten haar donkere ogen weer vuur en haar weinig verhullende tekst is ‘klootzak, fuck off!!’ Ze draait me de rug toe en wil doorlopen maar ik haast me te zeggen ‘alsjeblieft Puck, kom terug, het spijt me heel erg.’ Ze blijft staan, kijkt me woest aan en vraagt: ‘wat spijt je precies, dat je me niet eerder verkrachtte?’

Zo heeft ze het dus beleefd en gelijk heeft ze, deze opmerking heb ik verdiend, ik schaam me diep. Dus reageer ik dat dat echt fout was en dat ik het goed wil maken, of ze alsjeblieft, álsjeblieft weer bij me komt wonen. Puck denkt een tijdje na en dan, eindelijk, reageert ze: ‘oké, maar geen fout geneuk meer, en ik word ook niet je huissloof.’ Opgelucht knik ik ja. Want wat ze ook vraagt, ik zal ja knikken ik wil haar terug! Puck loopt daarna tot mijn schrik toch door naar de ingang van de opvang, en om haar niet alsnog kwijt te raken volg ik haar. Daar blijkt dat ze afscheid wil nemen van die vrouw. Ze krijgt een hug van haar en tegen mij zegt ze ‘ben goed voor haar!’ Ik knik, ze slaat de spijker op zijn kop, ik wil goed voor dit zwerfkatje zijn, ik wil haar een thuis geven.

Tweede kans

Eenmaal terug in mijn appartement pakken we onze ‘oude routine’ op alsof er niks is gebeurd. Overdag ligt Puck naakt op de bank te lanterfanten, Netflix-series bekijkend en iedere avond neukt ze me. Hoewel ze niet mijn sloof wil zijn poetst ze wel een keer per week het hele huis, altijd op zaterdag, als ik er ook ben. En altijd voert ze een hele show op, zoals wijdbeens staan om overal goed bij te kunnen, rekken en strekken om alle insectenspul van muren en plafond te halen, knielen en bukken om ook álles onder de kast en banken weg te zuigen. Het is dan duidelijk mijn beurt om op de bank te liggen en te genieten van de show die ze met haar mooie naakte slanke lijf geeft. Net als zij ben ik steeds vaker bloot en omdat mijn pik altijd binnen de kortste keren opgewonden haar bewegingen volgt, eindigt die poetsbeurt zo ongeveer standaard in een neukbeurt. Ook dan wil ze de controle houden, op de bank, met haar rug naar me toe wipt ze op me en ook altijd loop ik na afloop met haar op mijn pik naar de douche. Tradities zijn er om in ere te houden.

De zondagen benut ik om mijn sociale contacten te onderhouden en om naar mijn familie te gaan. Nooit nodig ik nog iemand bij mij uit, om de simpele reden dat ik zeker weet dat Puck dat niet aan kan. Ze is een schuw kwetsbaar zwerfkatje dat zich maar heel moeizaam aan mij hecht, laat staan dat ze wat zou kunnen met bezoek. Al met al is het een simpel huishoudentje wat we samen zo hebben, terwijl ik ondertussen steeds gekker op haar word. Maar tegelijk begin ik langzaam maar zeker te beseffen dat dit geen duurzame relatie kan worden, zolang Puck niet wil praten over waarom ze is zoals ze is, waarom ze aan het zwerven is geslagen. Uiteindelijk is dit niet houdbaar, we kunnen niet altijd alleen maar thuis zijn en bloot lopen en neuken op Pucks condities en verder niks.

Voor mij is inmiddels wel min of meer duidelijk geworden dat haar gedrag met ongewenste seks te maken moet hebben en dat er ergens iets met een oom is geweest. Maar altijd als ik er over begin geeft Puck niet thuis. ‘Daar heb jij niks mee te maken’ is het enige wat ik dan te horen krijg. Na enkele maanden besluit ik het over een andere boeg te gooien.

Op een zaterdag ga ik na haar poetsshow en het daaropvolgende neukpartijtje de stad in. daar koop ik een mooi groen jurkje met bijpassend lingeriesetje en een box met opmaakspullen voor Puck. In de supermarkt haal ik daarna eten voor een romantische maaltijd en als ik thuiskom jaag ik Puck, spiernaakt als altijd, van de bank. Ik geef haar de tas met kleding, zeg haar een uur weg te blijven en zich ondertussen zich mooi te maken, omdat ik een verrassing voor haar heb. Het duurt even voor ze reageert. Met die inmiddels vertrouwde smeulend-donkere ogen kijkt ze me wantrouwig aan, maar dan staat ze op en verdwijnt ze, wulps wiegend, de tas met kleding in haar hand. Pfff.

X. Zara

Wat vond je van dit verhaal?

Aantal stemmen: . Gemiddeld cijfer:

Nog geen cijfer, ben jij de eerste ?

Geschreven door Zara

Hi, fijn dat je mijn verhalen leest, ik hoop dat je ze leuk vindt.
En jouw reactie is altijd welkom!
Liefs. Zara

Dit verhaal is 1409 keer gelezen.
Reageren? Leuk! Houd het aub on topic en netjes, dankjewel!

1 gedachte over “Het Dakloze Meisje (4/7)”

Plaats een reactie